Disclaimer

In 2005 begon ik met het schrijven over kraken, ICT, zeilen, terrorisme, de multiculturele samenleving enzo, op dit blog. Langzamerhand begon het schrijven over terrorisme zich steeds meer tot Israël, Gaza, Judea en Samaria te beperken.
De meningen die op dit blog worden weergegeven zijn als bijdrage aan het maatschappelijke debat en geenszins kwetsend of beledigend bedoeld. Mocht u desondanks van mening zijn dat aangifte noodzakelijk is, lees dan eerst even deze speciaal voor u bedoelde disclaimer

Thursday, December 22, 2011

Arabische Palestijnen en Palestijnse Arabieren


Vormen de Palestijnen een verzonnen volk zoals de geachte presidentskandidaat Gingrich twee weken geleden beweerde en zo ja, zijn niet alle volkeren en benamingen van volkeren op de één of andere manier verzonnen? Bestonden er Nederlanders voordat de staat der Nederlanden opgericht was? Werden de Belgen, "Belgen" genoemd  voordat er sprake was van een onafhankelijk Belgïe? Het zijn vragen die belangrijker zijn dan ooit, nu er een aanvraag bij de Verenigde Naties ingediend is, om een "Palestijnse Staat" op te richten. De Palestijnen zullen, indien de aanvraag wordt gehonoreerd, de twijfelachtige eer hebben een staat te hebben, maar geen land. Een virtuele staat dus. Best wel heel modern, want in de toekomst zal het nationale gevoel steeds meer digitaal en virtueel beleefd kunnen worden, terwijl de reeële Blut-und Boden-staat steeds meer naar de achtergrond verdwijnt.

Toch is het van belang te weten wie nu de Palestijnen zijn en wanneer deze term voor het eerst werd gebruikt. Het schijnt de Israëlische premier Golda Meïr te zijn geweest, die beweerde dat vóór 1948 er helemaal geen Palestijnen bestonden. Er zijn anderen die de term nog later in de tijd situeren en die Yasser Arafat als uitvinder van de term "Palestinians" aanwijzen. Dat zou in 1967, na de bezetting van de bezette gebieden, zijn geweest.

Als we nou eens gewoon in Nederland blijven en aan kunnen wijzen wanneer de Palestijnen voor het eerst hun intrede in de Nederlandse politiek hebben gemaakt. Werd er ín 1948 al over Palestijnen gesproken of misscien daarvoor al? Gelukkig heben we een digitaal archief van de Staten Generaal, waar we dat kunnen onderzoeken.

Het was de heer Boetes van de PSP die in de Eerste Kamer de eer had de term "Palestijnen" voor het eerst te gebruiken. We schrijven  11 juni 1968. Opvallend is wel, dat hij afwisselend spreekt over "Palestijnse Arabieren" of "Arabische Palestijnen". De zelfstandige term "Palestijnen"wordt pas later in zijn tekst een keer genoemd. De senator vecht door het citeren van een "El Fatah"- verklaring, het recht van bestaan van Israël aan. Ook de andere terminologie, zoals "racistisch" en "kolonialistisch" worden, weliswaar als citaat van Fatah, gebruikt, waardoor de tekst van 43 jaar geleden wonderbaarlijk actueel en weinig verouderd is.

De conclusie lijkt duidelijk, dat de term "Palestijnen" eigenlijk een "Fatah"-term, dus afkomstig van de PLO van Yasser Arafat is, die door de toespraak van de PSP-senator pas in 1968 voor het eerst tot ons komt.


Klik op "Read More" voor het gehele fragment:

"Het grote probleem is de fanatieke wil van deze Palestijnse Arabieren om terug te keren naar hun land. Daarbij weten zij zich gesteund door vele Arabische staten. Dit is de feitelijke situatie. Ik ga die nu niet in moreel opzicht beoordelen; de feitelijke situatie is hard genoeg om daarbij stil te blijven staan. Daarbij komt, dat de 1,5 min. Arabieren, die in bezet gebied wonen, niet geïtegreerd zullen of kunnen worden in het vergrote Israël en nu, als van hun nationale trots en zelfstandigheid beroofden, steeds meer tot guerilla-activiteiten overgaan en nog zullen overgaan. De Israëli's reageren hierop én op aanvallen uit vluchte-lingenkampen en uit andere Arabische gemeenschappen met vergeldingsaanvallen, die de laatste tijd zodanig in omvang toenemen, dat menigeen zich afvraagt, waar de verhoudingen zijn gebleven.
Mijnheer de Voorzitter! Ik wil helemaal niet meer ingaan op de schuldvraag, die bovendien uileindelijk in Europa ligt. Ik sprak daarover reeds verleden jaar op deze plaats. De schuldvraag is momentcel zelfs irrelevant, omdat de feitelijkheid van wat zich daar afspeelt en de mogelijkheden tot nog verdere escalatie het ergste doen vrezen. Wanneer wij de getalsterkte van deze enkele miljoenen Israëli's zetten tegenover de tientallen miljoenen van de Arabische wereld en daarbij bedenken, dat de guerilla, die nu gaandeweg meer en meer wordt toegepast door de Arabische Palestijnen, ~ andere landen van de wereld staan hiervoor voorbeeld -om "hun" woongebied terug te krijgen, dan kan men niet anders dan pessimistisch zijn over een eventuele afloop van het Palestijnse conflict. Er zijn echter ook enige positieve punten te noemen. In de eerste plaats wil ik een aanhaling geven uit een Israëlisch nieuwsblad "Yehadot Ahranot" van niet zolang geleden. Daarin heeft prof. Livovitch van de Hebreeuwse universiteit van Nieuw Jerusalem het volgende gezegd:
"Annexatie (van de Westelijke Jordaanoever red.)betekent de vernietiging van Israël en zijn volk. Deze annexatie zal de regering van Israël dwingen al haar aandacht te besteden aan het behandelen van de problemen die uit annexatie voortvloeien; daardoor zal zij het welzijn van het Joodse volk geheel verwaar-lozen. Israël zal zich op die manier slechts bezorgd maken om versterking van het militair potentieel en van het militair bestuur. Dit zal gevolgd worden door geestelijke ontreddering. De alternatieve oplossing is gelegen in totaal afzien van het doel 1,5 min. Arabieren te besturen die ons bestuur niet wensen. Het betekent de terugkeer tot onze oude grenzen zoals die vóór juni 1967 bestonden. Daarom kan ik geen nut zien in de Is-raëlische gebiedswinsten sinds juni 1967. Op dit moment vernielen we huizen. In de toekomst zullen wij gedwongen zijn concentratiekampen te bouwen en schavotten. Wij moeten daarom de huidige situatie onmiddellijk veranderen in een betere, anders zal de escalatie der vijandelijkheden in het Midden-Oosten ons tot een tweede Vietnam brengen. In dat geval zal het einde van Israël overeenkomstig dat van de kruistochten zijn en dan zullen wij al datgene vernietigen wat wij eigenhandig bouwden.".
Mijnheer de Voorzitter! Wat de andere zijde betreft, heb ik een klein citaat van een lid van "El Fatah", zoals dat is verschenen in "De Groene Amsterdammer" van afgelopen zater-dag. Daar wordt gesteld:
"Wij willen de staat Israël vernietigen en een progressieve staat stichten voor een ieder die er wil wonen. Ons doel is de racistische, kolonialistische staat Israël te vernietigen, maar niet het volk ervan. Wij willen alleen de Palestijnen in staat stellen terug te keren naar hun vaderland. Dan zal er een staat moeten ontstaan, waarin iedereen kan wonen, ongeacht huids-kleur, gewoonten, afkomst of religie. Dat alle joden in zee moeten worden gegooid, zoals volgens sommige kranten alle Arabieren willen, kan het plan van een enkeling zijn, het behoort in ieder geval niet tot de doelstellingen van El Fatah.".
De verantwoording voor deze woorden is natuurlijk voor de woordvoerder. Dit is een van de meest redelijke, en ook wel meest begrijpelijke uitlatingen die wij van El Fatah kennen. Het Palestijnse probleem benauwt ons allen, en eigenlijk weten wij geen van allen een oplossing, die alle partijen zal kunnen bevredigen. En moet het dan zo zijn, dat hier een bloedige strijd jaren zal wor-den gevoerd, zonder dat een oplossing naderbij komt? Het zal voor iedereen duidelijk zijn, dat de beide oorlogen -van 1956 en 1967 -de situatie voor Israël wel in schijn en tijdelijk heb-ben verbeterd, maar of dit een werkelijke verbetering is, zal iedereen betwijfelen. De verwijdering, de vijandschap en de verbetenheid om het verlorene te herwinnen zijn er alleen maar groter op geworden onder de Palestijnen. De dreiging voor Israël is nog nooit zo groot geweest als vandaag, ondanks de militaire suprematie van vandaag."
Eesrte Kamerlid Boetes (PSP), 11 juni 1968





   

1 comment:

avd said...

"Werden de Belgen, 'Belgen' genoemd voordat er sprake was van een onafhankelijk Belgïe?"

"Heel Gallia is verdeeld in drie delen. In één daarvan wonen de Belgae, de Aquitani in een ander en in het derde diegenen die in hun eigen taal Celtae genoemd worden en in de onze Galli"
Begin van Commentaren op de gebeurtenissen in Gallië, door Julius Caesar, rond 50BC
http://nl.wikipedia.org/wiki/Commentarii_de_Bello_Gallico