Disclaimer

De bijdragen aan het maatschappelijke debat, zoals op dit blog gepubliceerd, zijn bedoeld als ondersteuning van het recht op vrije meningsuiting. Mocht u desondanks in uw eer of goede naam aangetast worden, of nog erger dat u door deze teksten gekwetst wordt, lees dan eerst even de bijgaande disclaimer.

Friday, October 23, 2009

Vrankrijk: Het Vonnis

Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM


Parketnummer: 13/525080-09 (Promis)

Datum uitspraak: 15 oktober 2009

op tegenspraak



VONNIS

van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen



[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1960,
ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het adres
[adres],
gedetineerd in het Huis van Bewaring “Havenstraat” te Amsterdam.



De rechtbank heeft beraadslaagd naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van
1 oktober 2009.


1. Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd – zoals gewijzigd ter terechtzittingen van 14 augustus 2009 en 1 oktober 2009 (tweemaal) – dat

1.
primair:
hij op of omstreeks 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, [slachtoffer 1] van het leven te beroven, met dat opzet (en na kalm beraad en rustig overleg), met die ander of anderen, althans alleen, de deur van de Vrankrijk heeft/hebben opengedaan en vervolgens met een hard en/of zwaar voorwerp, te weten een steigerpijp danwel houten knuppel en/of stok tegen het voorhoofd van die [slachtoffer 1] heeft/hebben gestoten en dat hij vervolgens met die ander of anderen naar die [slachtoffer 1] (die onder invloed was/verkeerde van alcoholische drank) is/zijn toegelopen, waarna hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) , die [slachtoffer 1] een of meermalen (met (veel) kracht)
- met (een) (hard(e) en/of zwa(a)r(e)) voorwerp(en) (te weten (een) (steiger)pijp(en)) en/of (een) (houten) knuppel(s) en/of houten tafel- en/of stoelpo(o)t(en) en/of stok(ken) op/tegen diens hoofd, althans diens lichaam heeft/hebben geslagen en/of (een) elleboogsto(o)t(en) tegen de kaak en/of gezicht en/of hoofd van die [slachtoffer 1] heeft/hebben gegeven en/of/(mede)hierdoor die [slachtoffer 1] (met diens hoofd) (achterover) op de stoep en/of stenen (be)stra(a)ting is gevallen, tengevolge waarvan die [slachtoffer 1] (in ieder geval) een schedelbasisfractuur en/of een gehoorsbeenketenbreuk (fractuur) en/of een gescheurd hersenvlies en/of (geheel- of gedeeltelijk) geheugen- en/of gehoorsverlies en/of een trommelvliesperforatie en/of twee gebroken rotsbeenderen en/of een hoofdwond met blijvend litteken en/of geheugenverlies en/of verlies van reuk en smaak en/of constante hoofdpijn en/of ernstige vermoeidheid en/of slapeloosheid en/of een verlamde rechterkant tong heeft bekomen en/of die [slachtoffer 1] voorlopig niet (meer) kan lopen en zich alleen nog in een rolstoel kan verplaatsen;

subsidiair:
hij op of omstreeks 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, aan [slachtoffer 1] opzettelijk (en met voorbedachten rade) zwaar lichamelijk letsel, heeft toegebracht, door met dat opzet (en na kalm beraad en rustig overleg) met die ander of anderen, althans alleen, de deur van de Vrankrijk heeft/hebben opengedaan en vervolgens met een hard en/of zwaar voorwerp, te weten een steigerpijp danwel houten knuppel en/of stok tegen het voorhoofd van die [slachtoffer 1] heeft/hebben gestoten en dat hij vervolgens met die ander of anderen naar die [slachtoffer 1] (die onder invloed was/verkeerde van alcoholische drank) toe te lopen, waarna hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) die [slachtoffer 1] een of meermalen (met (veel) kracht)
- met (een) (hard(e) en/of zwa(a)r(e)) voorwerp(en) (te weten (een) (steiger)pijp(en)) en/of (een) (houten) knuppel(s) en/of houten tafel- en/of stoelpo(o)t(en) en/of stok(ken) en/of met een of meer vuistslagen op/tegen diens hoofd, althans diens lichaam heeft/hebben geslagen en/of (een) elleboogsto(o)t(en) tegen de kaak en/of gezicht en/of hoofd van die [slachtoffer 1] heeft/hebben gegeven en/of/(mede)hierdoor die [slachtoffer 1] (met diens hoofd) (achterover) op de stoep en/of stenen (be)stra(a)ting is gevallen, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] (in ieder geval) een schedelbasisfractuur en/of een gehoorsbeenketenbreuk (fractuur) en/of een gescheurd hersenvlies en/of (geheel- of gedeeltelijk) geheugen- en/of gehoorsverlies en/of een trommelvliesperforatie en/of twee gebroken rotsbeenderen en/of een hoofdwond met blijvend litteken en/of geheugenverlies en/of verlies van reuk en smaak en/of constante hoofdpijn en/of ernstige vermoeidheid en/of slapeloosheid en/of een verlamde rechterkant tong heeft bekomen;

2.
primair:
hij op of omstreeks 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk (en met voorbedachten rade), [slachtoffer 2] van het leven te beroven, met dat opzet (en na kalm beraad en rustig overleg) naar die [slachtoffer 2] (die onder invloed was/verkeerde van alcoholische drank) is /zijn toegelopen, waarna hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), die [slachtoffer 2] een of meermalen (met (veel) kracht)
- met (een) (hard(e) en/of (zwa(a)r(e)) voorwerp(en) (te weten (een) (steiger)pijp(en)) en/of (een) (houten) knuppel(s) en/of houten tafel- en/of stoelpo(o)t(en) en/of stok(ken) op/tegen diens hoofd, althans diens lichaam heeft/hebben geslagen (ten gevolge waarvan die [slachtoffer 2] (enig) letsel heeft bekomen);

subsidiair:
hij op of omstreeks 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk ( en met voorbedachte rade) [slachtoffer 2] zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet ( en na kalm beraad en rustig overleg) naar die [slachtoffer 2] (die onder invloed was/verkeerde van alcoholische drank) is/zijn toegelopen, waarna hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), die [slachtoffer 2] een of meermalen (met (veel) kracht)
- met (een) (hard(e) en/of zwa(a)r(e)) voorwerp(en) (te weten (een) (steiger)pijp(en)) en/of (een) (houten) knuppel(s) en/of houten tafel- en/of stoelpo(o)t(en) en/of stok(ken) op/tegen diens hoofd, althans diens lichaam heeft/hebben geslagen en/of
- tegen/op diens gezicht/hoofd heeft/hebben gestompt, althans tegen diens lichaam heeft/hebben geslagen en/of gestompt en/of getrapt en/of geschopt als gevolg waarvan [slachtoffer 2] een kneuzing/bloeduitstorting heeft op de linkerbovenarm, links in het gelaat en linksvoor op de borst;

meer subsidiair:
hij op of omstreeks 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk ( en met voorbedachte rade en na kalm beraad en rustig overleg) mishandelend [slachtoffer 2] (die onder invloed was/verkeerde van alcoholische drank) een of meermalen (met (veel) kracht)
- met (een) (hard(e) en/of zwa(a)r(e)) voorwerp(en) (te weten (een) (steiger)pijp(en)) en/of (een) (houten) knuppel(s) en/of stok(ken) op/tegen diens hoofd, althans diens lichaam heeft/hebben geslagen en/of
- tegen/op diens gezicht/hoofd heeft/hebben gestompt, althans tegen diens lichaam geslagen en/of gestompt en/of getrapt en/of geschopt, waardoor voornoemde [slach[slachtoffer 2] letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden als gevolg waarvan [slachtoffer 2] een kneuzing/bloeduitstorting heeft op de linkerbovenarm, links in het gelaat en linksvoor op de borst.


2. Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is om van de zaak kennis te nemen, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.
3. Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

  1.
subsidiair:
op 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander, aan [slachtoffer 1] opzettelijk en met voorbedachten rade zwaar lichamelijk letsel, heeft toegebracht, door met dat opzet en na kalm beraad en rustig overleg met die ander naar die [slachtoffer 1] (die onder invloed verkeerde van alcoholische drank) toe te lopen, waarna hij, verdachte, en zijn mededader die [slachtoffer 1] met kracht een vuistslag tegen diens hoofd hebben gegeven waardoor die [slachtoffer 1] met diens hoofd op de stoep is gevallen, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] een schedelfractuur en een gehoorsbeenketenbreuk en een gescheurd hersenvlies en geheugen- en gehoorsverlies en een trommelvliesperforatie en twee gebroken rotsbeenderen en verlies van reuk en smaak en constante hoofdpijn en ernstige vermoeidheid en slapeloosheid en een verlamde rechterkant tong heeft bekomen;

2.

meer subsidiair:
op 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk en met voorbedachte rade en na kalm beraad en rustig overleg mishandelend [slachtoffer 2] (die onder invloed verkeerde van alcoholische drank) meermalen met kracht met een houten knuppel, tegen diens lichaam hebben geslagen, waardoor voornoemde [slachtoffer 2] letsel heeft bekomen, te weten een kneuzing/bloeduitstorting op de linkerbovenarm, links in het gelaat en linksvoor op de borst, en pijn heeft ondervonden.

Voorzover in de telastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.


4. Het bewijs

4.1. Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich, op nader in het schriftelijke requisitoir omschreven gronden, op het standpunt gesteld dat het onder 1 primair (medeplegen van poging tot doodslag) en 2 subsidiair (medeplegen van poging tot zware mishandeling met voorbedachten rade) ten laste gelegde wettig en overtuigend kan worden bewezen.




4.2. Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich, op nader in zijn pleitnotities omschreven gronden, ten aanzien van feit 1 op het standpunt gesteld dat verdachte vrijgesproken dient te worden van poging tot moord dan wel tot doodslag en van zware mishandeling met voorbedachten rade. De raadsman heeft daartoe – kort samengevat – aangevoerd dat [slachtoffer 1] (hierna: [slachtoffer 1]) door de medeverdachte [medeverdachte] met een stok tegen zijn hoofd is gestoten en later met zijn elleboog in het gezicht is geraakt. Andere slagen tegen het hoofd zijn niet vast komen te staan. Er is sprake van slechts twee te onderscheiden geweldsmomenten. De stoot met de stok tegen het voorhoofd levert, mede gelet op het geringe letsel dat daardoor werd veroorzaakt, een eenvoudige mishandeling van [slachtoffer 1] op. Van de elleboogstoot dient verdachte te worden vrijgesproken. Verdachte kan immers niet worden aangemerkt als medepleger daarvan. Voor het geval de rechtbank hem wel als zodanig aanmerkt betrof het een reflexbeweging van [medeverdachte] en is derhalve van opzet geen sprake. Voor zover de rechtbank van oordeel is dat wel sprake is van opzet dient de elleboogstoot, in verband met de geringe kracht daarvan - te worden gekwalificeerd als mishandeling, zwaar lichamelijk letsel tot gevolg hebbend. De raadsman wijst er op dat dit echter niet ten laste is gelegd. Hooguit kan derhalve sprake zijn van zware mishandeling. Van voorbedachten rade was geen sprake en van (voorwaardelijke) opzet op de dood van [slachtoffer 1] evenmin.
Met betrekking tot feit 2 heeft de raadsman zich op het standpunt gesteld dat – gelet op het geringe letsel – enkel eenvoudige mishandeling van [slachtoffer 2] (hierna: [slachtoffer 2]) bewezen verklaard kan worden.

4.3 Het oordeel van de rechtbank

Vrijspraak

De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen onder 1 primair, 2 primair en 2 subsidiair is ten laste gelegd, zodat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken. Anders dan de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is voor het slaan met een steigerpijp op het hoofd van [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2].. Het geven van een vuistslag tegen het hoofd van [slachtoffer 1] acht de rechtbank onvoldoende om tot het bewijs van (voorwaardelijke) opzet op diens dood te komen.
Voorts beschouwt de rechtbank het geven van de stoot met een houten knuppel tegen het hoofd van [slachtoffer 1] niet als een zodanige handeling dat deze moet worden geacht te zijn gericht op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel.
Ditzelfde geldt ten aanzien van de in feit 2 subsidiair ten laste gelegde poging tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel door middel van het slaan met een houten knuppel tegen het lichaam van [slachtoffer 2].

Bewijs

De rechtbank grondt haar beslissing dat verdachte het bewezen geachte heeft begaan op de hierna - samengevat - weergegeven feiten en omstandigheden, zoals vervat in de als voetnoten weergegeven gebezigde bewijsmiddelen.

Ten aanzien van het onder 1 subsidiair en 2 meer subsidiair bewezenverklaarde:

Op 13 september 2008 staan verdachte en medeverdachte [medeverdachte] bij de deur van café Vrankrijk in de Spuistraat te Amsterdam. Zij hebben die avond deurdienst en zien vanaf de overkant twee mannen met een hond aan komen lopen. Als de mannen dichterbij komen herkent verdachte ze als [slachtoffer 1] ([voornaam], ook wel [naam] genoemd) en [slachtoffer 2] ([voornaam slachtoffer 2])i. De beide mannen hebben eerder die avond diverse andere cafés bezocht en verkeren voor anderen zichtbaar onder invloed van alcohol ii. Ook diverse anderen nemen het dronken gedrag van de latere slachtoffers waariii.
Verdachte vermoedt dan al dat ze bij Vrankrijk naar binnen willen en maakt het overige personeel duidelijk dat er die er avond geen honden in het café worden toegelaten. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] blijken inderdaad met de hond naar binnen te willen. Hierover ontstaat een woordenwisseling die er uiteindelijk toe leidt dat zowel [slachtoffer 1] als [slachtoffer 2] met enig duw- en trekwerk door onder andere verdachte en [medeverdachte] het café uit worden gezet. Als [slachtoffer 2] echter bemerkt dat hij in het rumoer zijn tas vergeten is, is dit voor hem en [slachtoffer 1] reden zich toch weer naar het café te begeven. Aangekomen bij Vrankrijk houdt men de deur echter gesloten, hetgeen voor [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] reden is luid schreeuwend en door middel van schoppen en bonken tegen de deur van het café duidelijk te maken waarom zij zijn teruggekomen. Verdachte besluit dan twee houten knuppels (tafel- of stoelpoten) te pakken waarvan hij er één aan verdachte geeft. Vervolgens gaat de deur van het café op een kier en wordt de tas van [slachtoffer 2] buiten de deur gezet. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] blijven daarna echter schelden en bonken op de deur, al is onduidelijk wat ze nu verder nog willen. Als [slachtoffer 1], die zijn voet tussen de toegangsdeur van het café heeft gezet, vervolgens weigert deze weg te halen, besluiten verdachte en [medeverdachte] dat het genoeg is. [medeverdachte] geeft [slachtoffer 1] te verstaan dat als hij niet binnen drie tellen weggaat, hij een klap zal krijgen. [medeverdachte] laat hem ter bekrachtiging van zijn woorden de houten knuppel zien die hij eerder van verdachte had gekregen. Vervolgens telt [medeverdachte] tot drie en geeft hij [slachtoffer 1] met de houten knuppel door de kier in de deur een stoot tegen zijn voorhoofd, die daardoor een bloedende hoofdwond oploopt iv, v.
Ook dit blijkt echter niet voldoende om [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] weg te krijgen van de straat voor Vrankrijk. Daarop besluiten in ieder geval verdachte en [medeverdachte] gewapend met de knuppels naar buiten te gaan om hen met die knuppels te verdrijvenvi. [medeverdachte] en verdachte spreken af dat als er geslagen wordt, dit alleen op het lichaam zal gebeuren. Vervolgens gaan ze door de enkele meters verderop gelegen nooduitgang de straat op. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] willen nog steeds van geen wijken weten, waarna verdachte het slachtoffer [slachtoffer 2] tenminste drie keer met de knuppel tegen zijn lichaam slaat. Bij deze klappen loopt [slachtoffer 2] verwondingen op, te weten een kneuzing / bloeduitstorting op de linkerbovenarm en linksvoor op de borst, maar ook links in het gelaatvii doordat bij één van de klappen de knuppel via de arm in zijn gezicht terecht komtviii. [slachtoffer 2] heeft bij zijn aangifte verklaard veel pijn van deze klappen te hebben ondervondenix.
De inmiddels ook naar buiten gelopen [persoon 1] constateert dat de ruzie nu echt uit de hand dreigt te lopen, en haalt uit voorzorg de knuppels bij verdachte en [medeverdachte] weg. Wat volgt is een aantal minuten van heftige discussie tussen enerzijds [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] en anderzijds in elk geval verdachte en [medeverdachte]. De stemming blijft vijandig en [slachtoffer 1] komt daarbij letterlijk tegenover verdachte en [medeverdachte] te staan. [medeverdachte] slaat [slachtoffer 1] vervolgens met een zodanig krachtige vuistslag tegen zijn hoofd, dat hij daardoor steil achterover valt x, xi. [slachtoffer 1] slaat met zijn hoofd hard tegen de stoep. Zowel verdachte als diverse getuigen horen de schedel van het slachtoffer breken. Later in het ziekenhuis en ook in de periode nadien blijken de gevolgen voor [slachtoffer 1] zeer ernstig te zijn. In het ziekenhuis worden bij [slachtoffer 1] een schedelfractuur die doorloopt in hetrotsbeen (een specifiek deel van de schedelbasis), een gehoorsbeenketenbreuk en een trommelvliesperforatie geconstateerd. Voorts is sprake van verlies van hersenvloeistof als gevolg van een gescheurd hersenvlies xii. Deze verwondingen worden later zowel in een deskundigenrapport van het Nederlands Forensisch Instituutxiii, als door een tweetal bij dit rapport betrokken deskundigen ter terechtzitting bevestigd xiv, xv. [slachtoffer 1] heeft bij zijn aangifte en aanvullende aangifte aangegeven hieraan diverse klachten te hebben overgehouden, te weten geheugen- en gehoorsverlies, verlies van reuk en smaak, constante hoofdpijn, ernstige vermoeidheid en slapeloosheid en een verlamde rechterkant van de tongxvi, xvii. Bovendien kan hij als gevolg van evenwichtsstoornissen voorlopig niet meer lopen maar dient hij zich te verplaatsen in een rolstoel, zo heeft hij bij een verhoor door de rechter-commissaris verklaardxviii.



4.4 Nadere overwegingen

Betrouwbaarheid getuigenverklaringen

De rechtbank merkt op dat in het dossier een groot aantal getuigenverklaringen zit van personen, allen kennelijk betrokken bij Vrankrijk,,die eerst in het geheel niet of heel beperkt hebben willen verklaren. De politie werd aanvankelijk letterlijk buiten de deur van Vrankrijk gehouden. Voorts blijkt uit diverse mail-, tap- en internet-berichten dat na 13 september 2008 uitvoerig overleg tussen diverse betrokkenen is gevoerd. Men heeft vergaderingen belegd over hoe een zo veel mogelijk eensluidend verhaal, met zo min mogelijk schade voor de mensen binnen de groep, naar buiten kon worden gebracht. Dit is ook het beeld dat uit een groot aantal van de bij de rechter-commissaris afgelegde verklaringen naar voren komt. Dit beeld is er de reden van dat de rechtbank meer waarde hecht aan verklaringen van hen die kennelijk niet tot de Vrankrijkgroep behoren (en overigens evenmin tot de vriendenkring van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]) en daardoor met meer afstand over het voorval hebben kunnen verklaren.

Één conflictsituatie

Op grond van bovenstaande feiten en omstandigheden is de rechtbank, anders dan de verdediging, van oordeel dat de gebeurtenissen op de avond van 13 september 2008 niet als op zichzelf staande incidenten, maar als één geheel moeten worden gezien en beoordeeld. Vanaf het moment van aankomst van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] bij Vrankrijk worden er door het personeel, waaronder verdachte en medeverdachte [medeverdachte], afspraken gemaakt over hoe met de te verwachten moeilijkheden zal worden omgegaan. Vanaf het eerste contact hangt er een sfeer van irritatie en animositeit, aanvankelijk met de hond van [slachtoffer 1] als inzet, die uiteindelijk pas definitief ten einde komt als [slachtoffer 1] bewusteloos op de grond ligt en [slachtoffer 2] wordt afgevoerd door de politie. Tussendoor varieert de intensiteit van de wederzijdse vijandigheden maar op geen enkel moment was het contact afgerond. Het handelen van verdachte en [medeverdachte] was steeds gericht tegen dezelfde personen en elk handelen en nalaten was een direct gevolg van het voorgaande. De geweldsmomenten in het contact volgden elkaar binnen een betrekkelijk kort tijdsbestek op. Verdachte en medeverdachte [medeverdachte] stond telkens één en hetzelfde doel voor ogen, namelijk: hoe [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] bij Vrankrijk weg te krijgen. Dit hebben zij op verschillende manieren (het duwen uit het café, de stoot met de stok bij de deur tegen het voorhoofd van [slachtoffer 1], het slaan met de stokken tegen het lichaam van [slachtoffer 2] en tot slot de vuistslag tegen het hoofd van [slachtoffer 1]), getracht te bereiken.
Hoewel hiervoor onder 4.3 is overwogen dat het stoten met de knuppel niet bewezen wordt geacht (niet omdat het stoten niet zou zijn voorgevallen maar louter omdat dit handelen niet beschouwd wordt als handelen gericht op zware mishandeling), betrekt de rechtbank deze handeling wel bij de beoordeling van het conflict als geheel. Daarbij is van belang dat de rechtbank niet de stelling van de verdediging volgt, dat bij de deur sprake is geweest van een aparte situatie en wel een noodweersituatie waarbij verdachte en [medeverdachte], door het geven van de stoot met de stok tegen het voorhoofd van [slachtoffer 1], subsidiair en proportioneel hebben gehandeld ter afwending van de ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding door [slachtoffer 1]. Daargelaten de vraag of de omstandigheid dat iemand zijn voet tussen de deur houdt een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding oplevert waartegen het geboden is zich te verdedigen, acht de rechtbank het door verdachte en [medeverdachte] uitgeoefende geweld niet proportioneel. Door [slachtoffer 1] met een knuppel met zodanig veel kracht op zijn hoofd te stoten dat zijn hoofdhuid scheurde en er een bloedende hoofdwond ontstond, zijn verdachten in hun reactie veel te ver gegaan en hebben zij de grenzen van het daarbij redelijkerwijs te gebruiken geweld in vergaande mate overschreden.

Medeplegen

In het licht van het voorgaande is de rechtbank voorts van oordeel dat verdachte beide feiten tezamen en in vereniging met de medeverdachte [medeverdachte] heeft gepleegd. Verdachte en [medeverdachte] maakten, zoals hiervoor al overwogen, deel uit van de deurploeg die avond. Beiden waren betrokken bij het overleg over wat er met de lastige [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] moest worden gedaan. Verdachte heeft twee houten knuppels gehaald waarvan hij er één aan [medeverdachte] gaf. Voor beiden was vooraf duidelijk wat hiervan het doel was. Terwijl verdachte de deur tegenhield, is [medeverdachte] gaan aftellen, waarna hij een stoot tegen het hoofd van [slachtoffer 1] gegeven met de door verdachte aangeleverde knuppel. Vervolgens spraken verdachte en [medeverdachte] af naar buiten te gaan, wederom voorzien van de knuppels, en maakten zij afspraken over het gebruik daarvan. Het gemeenschappelijk doel was duidelijk: [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] moesten weg bij Vrankrijk, zonodig met geweld. Verdachte richtte zich daarbij in eerste instantie op [slachtoffer 2] en maakte conform de afspraak, te weten alleen slaan op het lichaam, gebruik van de knuppel. [medeverdachte] kwam in een directe en gewelddadige confrontatie met [slachtoffer 1] terecht en heeft daarbij met zijn vuist tegen het hoofd van [slachtoffer 1] gaslagen. Verdachte, zo heeft hij bij de rechter-commissaris verklaard, stond op dat moment weer naast [medeverdachte]. Onder deze omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat door verdachte en [medeverdachte] dermate nauw en bewust is samengewerkt dat er sprake is van medeplegen.

Opzet

De rechtbank is voorts van oordeel dat verdachte en zijn mededader beiden opzet op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel bij [slachtoffer 1] hadden. Na de eerdere duw- en trekpartij in Vrankrijk, waarbij dezelfde personen betrokken waren, hebben verdachte en [medeverdachte] de knuppels gepakt en afgesproken deze zonodig te gebruiken. Dat er daarnaast een afspraak was om alleen op het lichaam te slaan, maakt dit niet anders. Ook slaan op het lichaam met een houten knuppel kan immers (ernstig) letsel veroorzaken. Verdachte had er derhalve rekening mee te houden dat er geweld zou worden gebruikt, en ook meer dan gering geweld, gezien het feit dat men zich met knuppels had bewapend. Beide verdachten zijn vervolgens zelf de confrontatie aangegaan en hebben daarbij aangetoond dat ze fors geweld niet schuwden. [medeverdachte] gaf [slachtoffer 1] bij de deur immers een stoot tegen zijn hoofd met een knuppel en verdachte heeft [slachtoffer 2] met een knuppel diverse slagen toegediend. Verdachte heeft zich, ook nadat de knuppels weg waren gehaald, op geen enkel moment gedistantieerd van het door zijn medeverdachte gebruikte geweld. Integendeel, op het moment van de vuistslag stond hij naar eigen zeggen naast [medeverdachte].
Bovenstaande leidt tot de conclusie dat verdachte niet alleen bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat er geweld zou worden gebruikt, maar ook dat [medeverdachte] daarin verder zou gaan dan de aanvankelijk gemaakte afspraak en daarbij zwaar lichamelijk lestel zou optreden.

Voorbedachte raad

Anders dan de raadsman is de rechtbank van oordeel dat verdachte en [medeverdachte] bij beide feiten hebben gehandeld met voorbedachten rade. Met kennelijke vastberadenheid trachtten zij [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] op diverse gewelddadige manieren bij Vrankrijk weg te krijgen, daarbij steeds een stap verder gaand in de mate van het toegepaste geweld. [medeverdachte] heeft gewaarschuwd dat er geweld zou worden gebruikt als [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] niet bij de deur weg zouden gaan. Voordat ze naar buiten gingen met de knuppels, maakten verdachte en [medeverdachte] afspraken over het zonodig uitoefenen van geweld. Verdachte en [medeverdachte] hielden er dus nadrukkelijk rekening mee hielden dat er ook buiten geweld zou worden toegepast, hetgeen vervolgens ook is gebeurd. Na het pakken van de knuppels en voor het naar buiten gaan zijn er diverse momenten geweest waarop zowel verdachte als [medeverdachte] de tijd en de gelegenheid hadden om over de betekenis en de gevolgen van hun voorgenomen daad na te denken en zich daar rekenschap van te geven. Aldus is naar het oordeel van de rechtbank sprake van voorbedachte raad.


5. De strafbaarheid van de feiten

5.1. Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich, op nader in het schriftelijke requisitoir omschreven gronden, op het standpunt gesteld dat van een reëel onmiddellijk dreigend gevaar voor een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding van verdachte door [slachtoffer 1], geen sprake was. De verklaring van verdachte daaromtrent is niet geloofwaardig en de verklaringen van de door de verdediging opgeroepen getuigen zijn niet betrouwbaar.

5.2. Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft aangevoerd dat verdachte, bij het geven van de elleboogstoot tegen het hoofd van [slachtoffer 1], heeft gehandeld ter noodzakelijke verdediging van eigen of eens anders lijf tegen een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding door [slachtoffer 1]. Op nader in haar pleitnotities omschreven gronden komt zij tot de conclusie dat verdachte heeft gehandeld uit (putatief) noodweer, zodat hij dient te worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

5.3 Het oordeel van de rechtbank

(Putatief) noodweer

De rechtbank verwerpt het beroep op (putatief) noodweer. Het is onvoldoende aannemelijk geworden dat er sprake was van een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding waartegen [medeverdachte] en hij zich dienden te verdedigen, dan wel van een dreiging of vermeende dreiging daarvan. Het enkele feit dat [slachtoffer 1] zich volgens verdachte groot maakte levert geen aanranding op als bedoeld in artikel 41 van het Wetboek van Strafrecht. Zoals hierboven onder 4.4 reeds aangegeven, gaat de rechtbank nadrukkelijk uit van één doorlopende conflictsituatie. Verdachte heeft de situatie samen met [medeverdachte] in het leven geroepen. Hij heeft het geweld telkens zelf opgezocht en is daar steeds een stap verder in gegaan. Ook nadat [persoon 1] de stokken had weggehaald zijn verdachte en [medeverdachte] zich blijven begeven in een voortdurende situatie van onenigheid.
Van belang is verder dat nergens uit blijkt dat [slachtoffer 1] toen meer deed dan boos zijn en schreeuwen, waarbij hij weigerde de openbare weg voor de toegangsdeur van Vrankrijk te verlaten. Van enige tegen personen gerichte geweldshandeling van zijn kant is niet gebleken. Verdachte noch [medeverdachte] noch een van de andere getuigen heeft verklaard dat [slachtoffer 1] zelf handtastelijk zou zijn geweest. [slachtoffer 1] was dronken en wellicht vervelend, maar niets duidde er op dat hij plotseling geweld zou kunnen gaan gebruiken. Verdachte had redelijkerwijze dan ook geen reden om te verwachten dat [slachtoffer 1] alsnog geweld tegen personen zou gaan gebruiken.
Ook de stelling van verdachte dat [medeverdachte] zodanig tegen de muur in het nauw gedreven werd door [slachtoffer 1] dan dat deze niet anders kon dan [slachtoffer 1] met zijn handen benaderen, is onvoldoende aannemelijk geworden. Steun voor deze stelling zoekt verdachte met name in verklaringen waarvan de rechtbank hierboven onder 4.4 heeft vastgesteld dat daaraan voor wat betreft de betrouwbaarheid minder waarde kan worden toegekend. De naar de overtuiging van de rechtbank meer onafhankelijke getuigen [getuige 1] en [getuige 2] hebben beiden bij de rechter-commissaris bovendien nadrukkelijk anders verklaard. Voorts zijn er, ook in verdachtes lezing van de gebeurtenissen, diverse momenten geweest waarop hij had kunnen besluiten om weg te gaan. Bovendien had men er uiteraard ook al eerder voor kunnen kiezen om de politie te bellen, maar van deze mogelijkheid hebben verdachte en [medeverdachte] bewust afgezien. Zij wilden het zelf oplossen.

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.


6. De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.


7. Motivering van de straffen en maatregelen

7.1 Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft bij requisitoir gevorderd dat verdachte ter zake van de door haar onder 1 primair en 2 subsidiair bewezen geachte feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren met aftrek van voorarrest. Voorts heeft de officier van justitie gevorderd dat de vordering van de benadeelde partij voor wat betreft de materiële schade zal worden toegewezen voor zover het betreft kosten gemaakt tot 9 oktober 2008, en voor wat betreft de immateriële schade tot een bedrag van € 79.000,- (de gevorderde € 100.000,- minus de reeds betaalde € 21.000,-), met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht.


7.2 Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft bepleit dat verdachte geen langere onvoorwaardelijke gevangenisstraf dient te worden opgelegd dan de tijd die hij reeds in voorarrest heeft doorgebracht.

7.3 Het oordeel van de rechtbank

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals van een en ander ter terechtzitting is gebleken.

De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.

Verdachte heeft zich tezamen met zijn mededader schuldig gemaakt aan een zware mishandeling en een mishandeling, beide met voorbedachte rade. Aanleiding voor de mishandeling van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] was hun hinderlijke aanwezigheid voor de deur van café Vrankrijk, waar verdachte en zijn mededader zich kennelijk verantwoordelijk voor voelden. Verdachte en zijn mededader hadden besloten dat ze daar hoe dan ook weg moesten. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] waren zichtbaar onder invloed van alcohol (sommige getuigen spreken zelfs van stomdronken). Verdachte en zijn mededader hebben zich allereerst voorzien van houten knuppels als wapen en buiten zijn zij daarmee [slachtoffer 2] te lijf gegaan. [slachtoffer 1] werd met een zo krachtige vuistslag tegen de grond geslagen dat hij steil achterover met zijn hoofd tegen de stoep sloeg en vele aanwezigen hoorden dat zijn schedel brak.
Met name voor [slachtoffer 1] waren de gevolgen enorm: ziekenhuisopnames, operaties en tal van ernstige lichamelijke klachten, waarvan een aantal mogelijk blijvend. Tot op de dag van vandaag (nu ruim een jaar na het misdrijf) kan hij zich slechts in een rolstoel voortbewegen en heeft hij behalve lichamelijke klachten ook cognitieve beperkingen die zijn functioneren in het dagelijks leven ernstig nadelig beïnvloeden. Van een zelfstandig werkende en wonende jongeman werd hij van het ene op andere moment volledig van anderen afhankelijk. Als zijn moeder hem niet zou kunnen verzorgen, zou hij in een verpleeghuis moeten verblijven. Zijn beroep van metaalbewerker kan hij niet meer uitoefenen. Daarnaast hebben beide slachtoffers het gebeuren als uiterst schokkend ervaren en ondervinden zij daarvan nog dagelijks de nadelige psychische gevolgen.
Weliswaar is de bewuste vuistslag niet door verdachte maar door zijn mededader toegediend, toch acht de rechtbank hem daarvoor in gelijke mate verantwoordelijk. Verdachte vervulde gedurende het gehele conflict een leidende rol. Verdachte was de oudere van de twee en wordt door getuigen beschreven als ‘doorgewinterde kraker’ naast de mededader als ‘jonge hond’. In plaats van een meer bij zijn leeftijd en positie passende matigende invloed uit te oefenen, heeft verdachte het conflict alleen maar opgestookt. Hij haalde de houten knuppels erbij en kwam ook op het idee om daarmee naar buiten te gaan.
De rechtbank rekent het verdachte aan dat hij er nadrukkelijk bij de oplossing van het conflict voor heeft gekozen het recht in eigen hand te nemen. In plaats van de politie in te schakelen koos men er welbewust voor de twee lastige klanten desnoods van de openbare weg af te slaan.

De rechtbank houdt rekening met de omstandigheid dat verdachte blijkens een uittreksel uit het justitieel documentatieregister niet eerder voor enig strafbaar feit is veroordeeld en ziet mede hierin aanleiding een deel van na te noemen straf in voorwaardelijke vorm op te leggen. Het voorwaardelijke deel strekt er voorts toe verdachte ervan te weerhouden zich in de toekomst wederom aan strafbare feiten schuldig te maken.

Anders dan de officier van justitie, acht de rechtbank niet bewezen de poging tot doodslag op [slachtoffer 1] en de poging tot zware mishandeling van [slachtoffer 2]. De rechtbank ziet hierin aanleiding om voor wat betreft de op te leggen straf naar beneden toe af te wijken van de eis van de officier van justitie.

Ten aanzien van de benadeelde partij

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij
[slachtoffer 1], niet van zo eenvoudige aard is dat zij zich leent voor de behandeling in dit strafgeding. Van de zijde van Vrankrijk heeft [slachtoffer 1] thans ruim € 20.000,- aan schadevergoeding ontvangen. Dat hij meer schade heeft geleden en zal lijden is zeer aannemelijk, maar wat de omvang daarvan is en of die geheel aan verdachte moet worden toegerekend is in deze strafrechtelijke procedure niet vast te stellen. Gelet hierop zal de rechtbank bepalen dat de benadeelde partij in de vordering niet-ontvankelijk is. De benadeelde partij kan de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.


8. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 47, 57, 300, 301, 302 en 303 van het Wetboek van Strafrecht.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.


9. Beslissing

Verklaart het onder 1 primair, 2 primair en 2 subsidiair ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart bewezen dat verdachte het onder 1 subsidiair en 2 meer subsidiair ten laste gelegde heeft begaan, zoals hiervoor in rubriek 3 is aangegeven.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.
Het bewezenverklaarde levert op:

Ten aanzien van het onder 1 subsidiair bewezenverklaarde:

  Medeplegen van zware mishandeling gepleegd met voorbedachten rade.

Ten aanzien van het onder 2 meer subsidiair bewezenverklaarde:

  Medeplegen van mishandeling gepleegd met voorbedachten rade.


Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, [verdachte], daarvoor strafbaar.


Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.

Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.

Beveelt dat een gedeelte, groot 8 maanden, van deze gevangenisstraf niet tenuitvoergelegd zal worden, tenzij later anders wordt gelast.

Stelt daarbij een proeftijd van 2 jaren vast.

De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.


Verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk in zijn vordering.

Dit vonnis is gewezen door
mr. C.P.E. Meewisse,   voorzitter,
mrs. Q.R.M. Falger en F.J. van de Poel,   rechters,
in tegenwoordigheid van mr. D. West,   griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 15 oktober 2009.



i Een proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 2 april 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.
ii Verklaring van verdachte ter terechtzitting d.d. 1 oktober 2009
iii Een proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 1] d.d. 6 juni 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.
iv Een proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 2 april 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.
v Verklaring verdachte ter terechtzitting d.d. 1 oktober 2009.
vi Een geschrift, zijnde een kopie van een ongedateerde aan [slachtoffer 1] gerichte brief van verdachte.
vii Een geschrift, zijnde een aanvraagformulier medische informatie d.d. 19 februari 2009 ingevuld door [huisarts], huisarts (doorgenummerde pag. 84)
viii Een proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 2 april 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.
ix Het proces-verbaal met nummer 2008257690-1 van 29 september 2008, in de wettelijke vorm[0] opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (doorgenummerde pag. 72 e.v.).
x Een proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 1] d.d. 6 juni 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.
xi Het proces-verbaal met nummer 2008257690 van 23 maart 2009, in de wettelijke vorm[0] opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [opsporingsambtenaar 2] en [opsporingsambtenaar 3] (doorgenummerde pag. 266 e.v.).
xii Een geschrift, zijnde een brief van 23 september 2008 van [persoon 2], co-assistent neurologie bij het Vu medisch centrum.
xiii Een verslag van het Nederlands Forensisch Instituut, d.d. 11 september 2009, nummer 2009.05.04.035, opgemaakt door H.N.J.M. van Vernooij op de door hem als vast gerechtelijk deskundige afgelegde belofte
(doorgenummerde pag. 450 e.v.).
xiv Verklaring van deskundige H.M. de Bakker ter terechtzitting van1 oktober 2009.
xv Verklaring van de deskundige M.A. van Buchem ter terechtzitting van 1 oktober 2009.
xvi Het proces-verbaal met nummer 2008257690-9 van 6 oktober 2008, in de wettelijke vorm[0] opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (doorgenummerde pag. 86 e.v.).
xvii Het proces-verbaal met nummer 2008257690 van 24 februari 2009, in de wettelijke vorm[0] opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [opsporingsambtenaar 4] en [opsporingsambtenaar 2] (doorgenummerde pag. 152 e.v.).
xviii Een proces-verbaal van verhoor van getuige [slachtoffer 1] d.d. 26 juni 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.


Parketnummer: 13/525080-09 (Promis)    Vonnis: 15 oktober 2009
[verdachte]

Vrankrijk: Het Vonnis

Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM


Parketnummer: 13/525080-09 (Promis)

Datum uitspraak: 15 oktober 2009

op tegenspraak



VONNIS

van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen



[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1960,
ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het adres
[adres],
gedetineerd in het Huis van Bewaring “Havenstraat” te Amsterdam.



De rechtbank heeft beraadslaagd naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van
1 oktober 2009.


1. Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd – zoals gewijzigd ter terechtzittingen van 14 augustus 2009 en 1 oktober 2009 (tweemaal) – dat

1.
primair:
hij op of omstreeks 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, [slachtoffer 1] van het leven te beroven, met dat opzet (en na kalm beraad en rustig overleg), met die ander of anderen, althans alleen, de deur van de Vrankrijk heeft/hebben opengedaan en vervolgens met een hard en/of zwaar voorwerp, te weten een steigerpijp danwel houten knuppel en/of stok tegen het voorhoofd van die [slachtoffer 1] heeft/hebben gestoten en dat hij vervolgens met die ander of anderen naar die [slachtoffer 1] (die onder invloed was/verkeerde van alcoholische drank) is/zijn toegelopen, waarna hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) , die [slachtoffer 1] een of meermalen (met (veel) kracht)
- met (een) (hard(e) en/of zwa(a)r(e)) voorwerp(en) (te weten (een) (steiger)pijp(en)) en/of (een) (houten) knuppel(s) en/of houten tafel- en/of stoelpo(o)t(en) en/of stok(ken) op/tegen diens hoofd, althans diens lichaam heeft/hebben geslagen en/of (een) elleboogsto(o)t(en) tegen de kaak en/of gezicht en/of hoofd van die [slachtoffer 1] heeft/hebben gegeven en/of/(mede)hierdoor die [slachtoffer 1] (met diens hoofd) (achterover) op de stoep en/of stenen (be)stra(a)ting is gevallen, tengevolge waarvan die [slachtoffer 1] (in ieder geval) een schedelbasisfractuur en/of een gehoorsbeenketenbreuk (fractuur) en/of een gescheurd hersenvlies en/of (geheel- of gedeeltelijk) geheugen- en/of gehoorsverlies en/of een trommelvliesperforatie en/of twee gebroken rotsbeenderen en/of een hoofdwond met blijvend litteken en/of geheugenverlies en/of verlies van reuk en smaak en/of constante hoofdpijn en/of ernstige vermoeidheid en/of slapeloosheid en/of een verlamde rechterkant tong heeft bekomen en/of die [slachtoffer 1] voorlopig niet (meer) kan lopen en zich alleen nog in een rolstoel kan verplaatsen;

subsidiair:
hij op of omstreeks 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, aan [slachtoffer 1] opzettelijk (en met voorbedachten rade) zwaar lichamelijk letsel, heeft toegebracht, door met dat opzet (en na kalm beraad en rustig overleg) met die ander of anderen, althans alleen, de deur van de Vrankrijk heeft/hebben opengedaan en vervolgens met een hard en/of zwaar voorwerp, te weten een steigerpijp danwel houten knuppel en/of stok tegen het voorhoofd van die [slachtoffer 1] heeft/hebben gestoten en dat hij vervolgens met die ander of anderen naar die [slachtoffer 1] (die onder invloed was/verkeerde van alcoholische drank) toe te lopen, waarna hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) die [slachtoffer 1] een of meermalen (met (veel) kracht)
- met (een) (hard(e) en/of zwa(a)r(e)) voorwerp(en) (te weten (een) (steiger)pijp(en)) en/of (een) (houten) knuppel(s) en/of houten tafel- en/of stoelpo(o)t(en) en/of stok(ken) en/of met een of meer vuistslagen op/tegen diens hoofd, althans diens lichaam heeft/hebben geslagen en/of (een) elleboogsto(o)t(en) tegen de kaak en/of gezicht en/of hoofd van die [slachtoffer 1] heeft/hebben gegeven en/of/(mede)hierdoor die [slachtoffer 1] (met diens hoofd) (achterover) op de stoep en/of stenen (be)stra(a)ting is gevallen, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] (in ieder geval) een schedelbasisfractuur en/of een gehoorsbeenketenbreuk (fractuur) en/of een gescheurd hersenvlies en/of (geheel- of gedeeltelijk) geheugen- en/of gehoorsverlies en/of een trommelvliesperforatie en/of twee gebroken rotsbeenderen en/of een hoofdwond met blijvend litteken en/of geheugenverlies en/of verlies van reuk en smaak en/of constante hoofdpijn en/of ernstige vermoeidheid en/of slapeloosheid en/of een verlamde rechterkant tong heeft bekomen;

2.
primair:
hij op of omstreeks 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk (en met voorbedachten rade), [slachtoffer 2] van het leven te beroven, met dat opzet (en na kalm beraad en rustig overleg) naar die [slachtoffer 2] (die onder invloed was/verkeerde van alcoholische drank) is /zijn toegelopen, waarna hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), die [slachtoffer 2] een of meermalen (met (veel) kracht)
- met (een) (hard(e) en/of (zwa(a)r(e)) voorwerp(en) (te weten (een) (steiger)pijp(en)) en/of (een) (houten) knuppel(s) en/of houten tafel- en/of stoelpo(o)t(en) en/of stok(ken) op/tegen diens hoofd, althans diens lichaam heeft/hebben geslagen (ten gevolge waarvan die [slachtoffer 2] (enig) letsel heeft bekomen);

subsidiair:
hij op of omstreeks 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk ( en met voorbedachte rade) [slachtoffer 2] zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet ( en na kalm beraad en rustig overleg) naar die [slachtoffer 2] (die onder invloed was/verkeerde van alcoholische drank) is/zijn toegelopen, waarna hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), die [slachtoffer 2] een of meermalen (met (veel) kracht)
- met (een) (hard(e) en/of zwa(a)r(e)) voorwerp(en) (te weten (een) (steiger)pijp(en)) en/of (een) (houten) knuppel(s) en/of houten tafel- en/of stoelpo(o)t(en) en/of stok(ken) op/tegen diens hoofd, althans diens lichaam heeft/hebben geslagen en/of
- tegen/op diens gezicht/hoofd heeft/hebben gestompt, althans tegen diens lichaam heeft/hebben geslagen en/of gestompt en/of getrapt en/of geschopt als gevolg waarvan [slachtoffer 2] een kneuzing/bloeduitstorting heeft op de linkerbovenarm, links in het gelaat en linksvoor op de borst;

meer subsidiair:
hij op of omstreeks 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk ( en met voorbedachte rade en na kalm beraad en rustig overleg) mishandelend [slachtoffer 2] (die onder invloed was/verkeerde van alcoholische drank) een of meermalen (met (veel) kracht)
- met (een) (hard(e) en/of zwa(a)r(e)) voorwerp(en) (te weten (een) (steiger)pijp(en)) en/of (een) (houten) knuppel(s) en/of stok(ken) op/tegen diens hoofd, althans diens lichaam heeft/hebben geslagen en/of
- tegen/op diens gezicht/hoofd heeft/hebben gestompt, althans tegen diens lichaam geslagen en/of gestompt en/of getrapt en/of geschopt, waardoor voornoemde [slach[slachtoffer 2] letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden als gevolg waarvan [slachtoffer 2] een kneuzing/bloeduitstorting heeft op de linkerbovenarm, links in het gelaat en linksvoor op de borst.


2. Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is om van de zaak kennis te nemen, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.
3. Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

  1.
subsidiair:
op 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander, aan [slachtoffer 1] opzettelijk en met voorbedachten rade zwaar lichamelijk letsel, heeft toegebracht, door met dat opzet en na kalm beraad en rustig overleg met die ander naar die [slachtoffer 1] (die onder invloed verkeerde van alcoholische drank) toe te lopen, waarna hij, verdachte, en zijn mededader die [slachtoffer 1] met kracht een vuistslag tegen diens hoofd hebben gegeven waardoor die [slachtoffer 1] met diens hoofd op de stoep is gevallen, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] een schedelfractuur en een gehoorsbeenketenbreuk en een gescheurd hersenvlies en geheugen- en gehoorsverlies en een trommelvliesperforatie en twee gebroken rotsbeenderen en verlies van reuk en smaak en constante hoofdpijn en ernstige vermoeidheid en slapeloosheid en een verlamde rechterkant tong heeft bekomen;

2.

meer subsidiair:
op 13 september 2008 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk en met voorbedachte rade en na kalm beraad en rustig overleg mishandelend [slachtoffer 2] (die onder invloed verkeerde van alcoholische drank) meermalen met kracht met een houten knuppel, tegen diens lichaam hebben geslagen, waardoor voornoemde [slachtoffer 2] letsel heeft bekomen, te weten een kneuzing/bloeduitstorting op de linkerbovenarm, links in het gelaat en linksvoor op de borst, en pijn heeft ondervonden.

Voorzover in de telastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.


4. Het bewijs

4.1. Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich, op nader in het schriftelijke requisitoir omschreven gronden, op het standpunt gesteld dat het onder 1 primair (medeplegen van poging tot doodslag) en 2 subsidiair (medeplegen van poging tot zware mishandeling met voorbedachten rade) ten laste gelegde wettig en overtuigend kan worden bewezen.




4.2. Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich, op nader in zijn pleitnotities omschreven gronden, ten aanzien van feit 1 op het standpunt gesteld dat verdachte vrijgesproken dient te worden van poging tot moord dan wel tot doodslag en van zware mishandeling met voorbedachten rade. De raadsman heeft daartoe – kort samengevat – aangevoerd dat [slachtoffer 1] (hierna: [slachtoffer 1]) door de medeverdachte [medeverdachte] met een stok tegen zijn hoofd is gestoten en later met zijn elleboog in het gezicht is geraakt. Andere slagen tegen het hoofd zijn niet vast komen te staan. Er is sprake van slechts twee te onderscheiden geweldsmomenten. De stoot met de stok tegen het voorhoofd levert, mede gelet op het geringe letsel dat daardoor werd veroorzaakt, een eenvoudige mishandeling van [slachtoffer 1] op. Van de elleboogstoot dient verdachte te worden vrijgesproken. Verdachte kan immers niet worden aangemerkt als medepleger daarvan. Voor het geval de rechtbank hem wel als zodanig aanmerkt betrof het een reflexbeweging van [medeverdachte] en is derhalve van opzet geen sprake. Voor zover de rechtbank van oordeel is dat wel sprake is van opzet dient de elleboogstoot, in verband met de geringe kracht daarvan - te worden gekwalificeerd als mishandeling, zwaar lichamelijk letsel tot gevolg hebbend. De raadsman wijst er op dat dit echter niet ten laste is gelegd. Hooguit kan derhalve sprake zijn van zware mishandeling. Van voorbedachten rade was geen sprake en van (voorwaardelijke) opzet op de dood van [slachtoffer 1] evenmin.
Met betrekking tot feit 2 heeft de raadsman zich op het standpunt gesteld dat – gelet op het geringe letsel – enkel eenvoudige mishandeling van [slachtoffer 2] (hierna: [slachtoffer 2]) bewezen verklaard kan worden.

4.3 Het oordeel van de rechtbank

Vrijspraak

De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen onder 1 primair, 2 primair en 2 subsidiair is ten laste gelegd, zodat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken. Anders dan de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is voor het slaan met een steigerpijp op het hoofd van [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2].. Het geven van een vuistslag tegen het hoofd van [slachtoffer 1] acht de rechtbank onvoldoende om tot het bewijs van (voorwaardelijke) opzet op diens dood te komen.
Voorts beschouwt de rechtbank het geven van de stoot met een houten knuppel tegen het hoofd van [slachtoffer 1] niet als een zodanige handeling dat deze moet worden geacht te zijn gericht op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel.
Ditzelfde geldt ten aanzien van de in feit 2 subsidiair ten laste gelegde poging tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel door middel van het slaan met een houten knuppel tegen het lichaam van [slachtoffer 2].

Bewijs

De rechtbank grondt haar beslissing dat verdachte het bewezen geachte heeft begaan op de hierna - samengevat - weergegeven feiten en omstandigheden, zoals vervat in de als voetnoten weergegeven gebezigde bewijsmiddelen.

Ten aanzien van het onder 1 subsidiair en 2 meer subsidiair bewezenverklaarde:

Op 13 september 2008 staan verdachte en medeverdachte [medeverdachte] bij de deur van café Vrankrijk in de Spuistraat te Amsterdam. Zij hebben die avond deurdienst en zien vanaf de overkant twee mannen met een hond aan komen lopen. Als de mannen dichterbij komen herkent verdachte ze als [slachtoffer 1] ([voornaam], ook wel [naam] genoemd) en [slachtoffer 2] ([voornaam slachtoffer 2])i. De beide mannen hebben eerder die avond diverse andere cafés bezocht en verkeren voor anderen zichtbaar onder invloed van alcohol ii. Ook diverse anderen nemen het dronken gedrag van de latere slachtoffers waariii.
Verdachte vermoedt dan al dat ze bij Vrankrijk naar binnen willen en maakt het overige personeel duidelijk dat er die er avond geen honden in het café worden toegelaten. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] blijken inderdaad met de hond naar binnen te willen. Hierover ontstaat een woordenwisseling die er uiteindelijk toe leidt dat zowel [slachtoffer 1] als [slachtoffer 2] met enig duw- en trekwerk door onder andere verdachte en [medeverdachte] het café uit worden gezet. Als [slachtoffer 2] echter bemerkt dat hij in het rumoer zijn tas vergeten is, is dit voor hem en [slachtoffer 1] reden zich toch weer naar het café te begeven. Aangekomen bij Vrankrijk houdt men de deur echter gesloten, hetgeen voor [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] reden is luid schreeuwend en door middel van schoppen en bonken tegen de deur van het café duidelijk te maken waarom zij zijn teruggekomen. Verdachte besluit dan twee houten knuppels (tafel- of stoelpoten) te pakken waarvan hij er één aan verdachte geeft. Vervolgens gaat de deur van het café op een kier en wordt de tas van [slachtoffer 2] buiten de deur gezet. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] blijven daarna echter schelden en bonken op de deur, al is onduidelijk wat ze nu verder nog willen. Als [slachtoffer 1], die zijn voet tussen de toegangsdeur van het café heeft gezet, vervolgens weigert deze weg te halen, besluiten verdachte en [medeverdachte] dat het genoeg is. [medeverdachte] geeft [slachtoffer 1] te verstaan dat als hij niet binnen drie tellen weggaat, hij een klap zal krijgen. [medeverdachte] laat hem ter bekrachtiging van zijn woorden de houten knuppel zien die hij eerder van verdachte had gekregen. Vervolgens telt [medeverdachte] tot drie en geeft hij [slachtoffer 1] met de houten knuppel door de kier in de deur een stoot tegen zijn voorhoofd, die daardoor een bloedende hoofdwond oploopt iv, v.
Ook dit blijkt echter niet voldoende om [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] weg te krijgen van de straat voor Vrankrijk. Daarop besluiten in ieder geval verdachte en [medeverdachte] gewapend met de knuppels naar buiten te gaan om hen met die knuppels te verdrijvenvi. [medeverdachte] en verdachte spreken af dat als er geslagen wordt, dit alleen op het lichaam zal gebeuren. Vervolgens gaan ze door de enkele meters verderop gelegen nooduitgang de straat op. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] willen nog steeds van geen wijken weten, waarna verdachte het slachtoffer [slachtoffer 2] tenminste drie keer met de knuppel tegen zijn lichaam slaat. Bij deze klappen loopt [slachtoffer 2] verwondingen op, te weten een kneuzing / bloeduitstorting op de linkerbovenarm en linksvoor op de borst, maar ook links in het gelaatvii doordat bij één van de klappen de knuppel via de arm in zijn gezicht terecht komtviii. [slachtoffer 2] heeft bij zijn aangifte verklaard veel pijn van deze klappen te hebben ondervondenix.
De inmiddels ook naar buiten gelopen [persoon 1] constateert dat de ruzie nu echt uit de hand dreigt te lopen, en haalt uit voorzorg de knuppels bij verdachte en [medeverdachte] weg. Wat volgt is een aantal minuten van heftige discussie tussen enerzijds [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] en anderzijds in elk geval verdachte en [medeverdachte]. De stemming blijft vijandig en [slachtoffer 1] komt daarbij letterlijk tegenover verdachte en [medeverdachte] te staan. [medeverdachte] slaat [slachtoffer 1] vervolgens met een zodanig krachtige vuistslag tegen zijn hoofd, dat hij daardoor steil achterover valt x, xi. [slachtoffer 1] slaat met zijn hoofd hard tegen de stoep. Zowel verdachte als diverse getuigen horen de schedel van het slachtoffer breken. Later in het ziekenhuis en ook in de periode nadien blijken de gevolgen voor [slachtoffer 1] zeer ernstig te zijn. In het ziekenhuis worden bij [slachtoffer 1] een schedelfractuur die doorloopt in hetrotsbeen (een specifiek deel van de schedelbasis), een gehoorsbeenketenbreuk en een trommelvliesperforatie geconstateerd. Voorts is sprake van verlies van hersenvloeistof als gevolg van een gescheurd hersenvlies xii. Deze verwondingen worden later zowel in een deskundigenrapport van het Nederlands Forensisch Instituutxiii, als door een tweetal bij dit rapport betrokken deskundigen ter terechtzitting bevestigd xiv, xv. [slachtoffer 1] heeft bij zijn aangifte en aanvullende aangifte aangegeven hieraan diverse klachten te hebben overgehouden, te weten geheugen- en gehoorsverlies, verlies van reuk en smaak, constante hoofdpijn, ernstige vermoeidheid en slapeloosheid en een verlamde rechterkant van de tongxvi, xvii. Bovendien kan hij als gevolg van evenwichtsstoornissen voorlopig niet meer lopen maar dient hij zich te verplaatsen in een rolstoel, zo heeft hij bij een verhoor door de rechter-commissaris verklaardxviii.



4.4 Nadere overwegingen

Betrouwbaarheid getuigenverklaringen

De rechtbank merkt op dat in het dossier een groot aantal getuigenverklaringen zit van personen, allen kennelijk betrokken bij Vrankrijk,,die eerst in het geheel niet of heel beperkt hebben willen verklaren. De politie werd aanvankelijk letterlijk buiten de deur van Vrankrijk gehouden. Voorts blijkt uit diverse mail-, tap- en internet-berichten dat na 13 september 2008 uitvoerig overleg tussen diverse betrokkenen is gevoerd. Men heeft vergaderingen belegd over hoe een zo veel mogelijk eensluidend verhaal, met zo min mogelijk schade voor de mensen binnen de groep, naar buiten kon worden gebracht. Dit is ook het beeld dat uit een groot aantal van de bij de rechter-commissaris afgelegde verklaringen naar voren komt. Dit beeld is er de reden van dat de rechtbank meer waarde hecht aan verklaringen van hen die kennelijk niet tot de Vrankrijkgroep behoren (en overigens evenmin tot de vriendenkring van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]) en daardoor met meer afstand over het voorval hebben kunnen verklaren.

Één conflictsituatie

Op grond van bovenstaande feiten en omstandigheden is de rechtbank, anders dan de verdediging, van oordeel dat de gebeurtenissen op de avond van 13 september 2008 niet als op zichzelf staande incidenten, maar als één geheel moeten worden gezien en beoordeeld. Vanaf het moment van aankomst van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] bij Vrankrijk worden er door het personeel, waaronder verdachte en medeverdachte [medeverdachte], afspraken gemaakt over hoe met de te verwachten moeilijkheden zal worden omgegaan. Vanaf het eerste contact hangt er een sfeer van irritatie en animositeit, aanvankelijk met de hond van [slachtoffer 1] als inzet, die uiteindelijk pas definitief ten einde komt als [slachtoffer 1] bewusteloos op de grond ligt en [slachtoffer 2] wordt afgevoerd door de politie. Tussendoor varieert de intensiteit van de wederzijdse vijandigheden maar op geen enkel moment was het contact afgerond. Het handelen van verdachte en [medeverdachte] was steeds gericht tegen dezelfde personen en elk handelen en nalaten was een direct gevolg van het voorgaande. De geweldsmomenten in het contact volgden elkaar binnen een betrekkelijk kort tijdsbestek op. Verdachte en medeverdachte [medeverdachte] stond telkens één en hetzelfde doel voor ogen, namelijk: hoe [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] bij Vrankrijk weg te krijgen. Dit hebben zij op verschillende manieren (het duwen uit het café, de stoot met de stok bij de deur tegen het voorhoofd van [slachtoffer 1], het slaan met de stokken tegen het lichaam van [slachtoffer 2] en tot slot de vuistslag tegen het hoofd van [slachtoffer 1]), getracht te bereiken.
Hoewel hiervoor onder 4.3 is overwogen dat het stoten met de knuppel niet bewezen wordt geacht (niet omdat het stoten niet zou zijn voorgevallen maar louter omdat dit handelen niet beschouwd wordt als handelen gericht op zware mishandeling), betrekt de rechtbank deze handeling wel bij de beoordeling van het conflict als geheel. Daarbij is van belang dat de rechtbank niet de stelling van de verdediging volgt, dat bij de deur sprake is geweest van een aparte situatie en wel een noodweersituatie waarbij verdachte en [medeverdachte], door het geven van de stoot met de stok tegen het voorhoofd van [slachtoffer 1], subsidiair en proportioneel hebben gehandeld ter afwending van de ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding door [slachtoffer 1]. Daargelaten de vraag of de omstandigheid dat iemand zijn voet tussen de deur houdt een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding oplevert waartegen het geboden is zich te verdedigen, acht de rechtbank het door verdachte en [medeverdachte] uitgeoefende geweld niet proportioneel. Door [slachtoffer 1] met een knuppel met zodanig veel kracht op zijn hoofd te stoten dat zijn hoofdhuid scheurde en er een bloedende hoofdwond ontstond, zijn verdachten in hun reactie veel te ver gegaan en hebben zij de grenzen van het daarbij redelijkerwijs te gebruiken geweld in vergaande mate overschreden.

Medeplegen

In het licht van het voorgaande is de rechtbank voorts van oordeel dat verdachte beide feiten tezamen en in vereniging met de medeverdachte [medeverdachte] heeft gepleegd. Verdachte en [medeverdachte] maakten, zoals hiervoor al overwogen, deel uit van de deurploeg die avond. Beiden waren betrokken bij het overleg over wat er met de lastige [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] moest worden gedaan. Verdachte heeft twee houten knuppels gehaald waarvan hij er één aan [medeverdachte] gaf. Voor beiden was vooraf duidelijk wat hiervan het doel was. Terwijl verdachte de deur tegenhield, is [medeverdachte] gaan aftellen, waarna hij een stoot tegen het hoofd van [slachtoffer 1] gegeven met de door verdachte aangeleverde knuppel. Vervolgens spraken verdachte en [medeverdachte] af naar buiten te gaan, wederom voorzien van de knuppels, en maakten zij afspraken over het gebruik daarvan. Het gemeenschappelijk doel was duidelijk: [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] moesten weg bij Vrankrijk, zonodig met geweld. Verdachte richtte zich daarbij in eerste instantie op [slachtoffer 2] en maakte conform de afspraak, te weten alleen slaan op het lichaam, gebruik van de knuppel. [medeverdachte] kwam in een directe en gewelddadige confrontatie met [slachtoffer 1] terecht en heeft daarbij met zijn vuist tegen het hoofd van [slachtoffer 1] gaslagen. Verdachte, zo heeft hij bij de rechter-commissaris verklaard, stond op dat moment weer naast [medeverdachte]. Onder deze omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat door verdachte en [medeverdachte] dermate nauw en bewust is samengewerkt dat er sprake is van medeplegen.

Opzet

De rechtbank is voorts van oordeel dat verdachte en zijn mededader beiden opzet op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel bij [slachtoffer 1] hadden. Na de eerdere duw- en trekpartij in Vrankrijk, waarbij dezelfde personen betrokken waren, hebben verdachte en [medeverdachte] de knuppels gepakt en afgesproken deze zonodig te gebruiken. Dat er daarnaast een afspraak was om alleen op het lichaam te slaan, maakt dit niet anders. Ook slaan op het lichaam met een houten knuppel kan immers (ernstig) letsel veroorzaken. Verdachte had er derhalve rekening mee te houden dat er geweld zou worden gebruikt, en ook meer dan gering geweld, gezien het feit dat men zich met knuppels had bewapend. Beide verdachten zijn vervolgens zelf de confrontatie aangegaan en hebben daarbij aangetoond dat ze fors geweld niet schuwden. [medeverdachte] gaf [slachtoffer 1] bij de deur immers een stoot tegen zijn hoofd met een knuppel en verdachte heeft [slachtoffer 2] met een knuppel diverse slagen toegediend. Verdachte heeft zich, ook nadat de knuppels weg waren gehaald, op geen enkel moment gedistantieerd van het door zijn medeverdachte gebruikte geweld. Integendeel, op het moment van de vuistslag stond hij naar eigen zeggen naast [medeverdachte].
Bovenstaande leidt tot de conclusie dat verdachte niet alleen bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat er geweld zou worden gebruikt, maar ook dat [medeverdachte] daarin verder zou gaan dan de aanvankelijk gemaakte afspraak en daarbij zwaar lichamelijk lestel zou optreden.

Voorbedachte raad

Anders dan de raadsman is de rechtbank van oordeel dat verdachte en [medeverdachte] bij beide feiten hebben gehandeld met voorbedachten rade. Met kennelijke vastberadenheid trachtten zij [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] op diverse gewelddadige manieren bij Vrankrijk weg te krijgen, daarbij steeds een stap verder gaand in de mate van het toegepaste geweld. [medeverdachte] heeft gewaarschuwd dat er geweld zou worden gebruikt als [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] niet bij de deur weg zouden gaan. Voordat ze naar buiten gingen met de knuppels, maakten verdachte en [medeverdachte] afspraken over het zonodig uitoefenen van geweld. Verdachte en [medeverdachte] hielden er dus nadrukkelijk rekening mee hielden dat er ook buiten geweld zou worden toegepast, hetgeen vervolgens ook is gebeurd. Na het pakken van de knuppels en voor het naar buiten gaan zijn er diverse momenten geweest waarop zowel verdachte als [medeverdachte] de tijd en de gelegenheid hadden om over de betekenis en de gevolgen van hun voorgenomen daad na te denken en zich daar rekenschap van te geven. Aldus is naar het oordeel van de rechtbank sprake van voorbedachte raad.


5. De strafbaarheid van de feiten

5.1. Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich, op nader in het schriftelijke requisitoir omschreven gronden, op het standpunt gesteld dat van een reëel onmiddellijk dreigend gevaar voor een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding van verdachte door [slachtoffer 1], geen sprake was. De verklaring van verdachte daaromtrent is niet geloofwaardig en de verklaringen van de door de verdediging opgeroepen getuigen zijn niet betrouwbaar.

5.2. Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft aangevoerd dat verdachte, bij het geven van de elleboogstoot tegen het hoofd van [slachtoffer 1], heeft gehandeld ter noodzakelijke verdediging van eigen of eens anders lijf tegen een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding door [slachtoffer 1]. Op nader in haar pleitnotities omschreven gronden komt zij tot de conclusie dat verdachte heeft gehandeld uit (putatief) noodweer, zodat hij dient te worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

5.3 Het oordeel van de rechtbank

(Putatief) noodweer

De rechtbank verwerpt het beroep op (putatief) noodweer. Het is onvoldoende aannemelijk geworden dat er sprake was van een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding waartegen [medeverdachte] en hij zich dienden te verdedigen, dan wel van een dreiging of vermeende dreiging daarvan. Het enkele feit dat [slachtoffer 1] zich volgens verdachte groot maakte levert geen aanranding op als bedoeld in artikel 41 van het Wetboek van Strafrecht. Zoals hierboven onder 4.4 reeds aangegeven, gaat de rechtbank nadrukkelijk uit van één doorlopende conflictsituatie. Verdachte heeft de situatie samen met [medeverdachte] in het leven geroepen. Hij heeft het geweld telkens zelf opgezocht en is daar steeds een stap verder in gegaan. Ook nadat [persoon 1] de stokken had weggehaald zijn verdachte en [medeverdachte] zich blijven begeven in een voortdurende situatie van onenigheid.
Van belang is verder dat nergens uit blijkt dat [slachtoffer 1] toen meer deed dan boos zijn en schreeuwen, waarbij hij weigerde de openbare weg voor de toegangsdeur van Vrankrijk te verlaten. Van enige tegen personen gerichte geweldshandeling van zijn kant is niet gebleken. Verdachte noch [medeverdachte] noch een van de andere getuigen heeft verklaard dat [slachtoffer 1] zelf handtastelijk zou zijn geweest. [slachtoffer 1] was dronken en wellicht vervelend, maar niets duidde er op dat hij plotseling geweld zou kunnen gaan gebruiken. Verdachte had redelijkerwijze dan ook geen reden om te verwachten dat [slachtoffer 1] alsnog geweld tegen personen zou gaan gebruiken.
Ook de stelling van verdachte dat [medeverdachte] zodanig tegen de muur in het nauw gedreven werd door [slachtoffer 1] dan dat deze niet anders kon dan [slachtoffer 1] met zijn handen benaderen, is onvoldoende aannemelijk geworden. Steun voor deze stelling zoekt verdachte met name in verklaringen waarvan de rechtbank hierboven onder 4.4 heeft vastgesteld dat daaraan voor wat betreft de betrouwbaarheid minder waarde kan worden toegekend. De naar de overtuiging van de rechtbank meer onafhankelijke getuigen [getuige 1] en [getuige 2] hebben beiden bij de rechter-commissaris bovendien nadrukkelijk anders verklaard. Voorts zijn er, ook in verdachtes lezing van de gebeurtenissen, diverse momenten geweest waarop hij had kunnen besluiten om weg te gaan. Bovendien had men er uiteraard ook al eerder voor kunnen kiezen om de politie te bellen, maar van deze mogelijkheid hebben verdachte en [medeverdachte] bewust afgezien. Zij wilden het zelf oplossen.

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.


6. De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.


7. Motivering van de straffen en maatregelen

7.1 Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft bij requisitoir gevorderd dat verdachte ter zake van de door haar onder 1 primair en 2 subsidiair bewezen geachte feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren met aftrek van voorarrest. Voorts heeft de officier van justitie gevorderd dat de vordering van de benadeelde partij voor wat betreft de materiële schade zal worden toegewezen voor zover het betreft kosten gemaakt tot 9 oktober 2008, en voor wat betreft de immateriële schade tot een bedrag van € 79.000,- (de gevorderde € 100.000,- minus de reeds betaalde € 21.000,-), met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht.


7.2 Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft bepleit dat verdachte geen langere onvoorwaardelijke gevangenisstraf dient te worden opgelegd dan de tijd die hij reeds in voorarrest heeft doorgebracht.

7.3 Het oordeel van de rechtbank

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals van een en ander ter terechtzitting is gebleken.

De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.

Verdachte heeft zich tezamen met zijn mededader schuldig gemaakt aan een zware mishandeling en een mishandeling, beide met voorbedachte rade. Aanleiding voor de mishandeling van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] was hun hinderlijke aanwezigheid voor de deur van café Vrankrijk, waar verdachte en zijn mededader zich kennelijk verantwoordelijk voor voelden. Verdachte en zijn mededader hadden besloten dat ze daar hoe dan ook weg moesten. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] waren zichtbaar onder invloed van alcohol (sommige getuigen spreken zelfs van stomdronken). Verdachte en zijn mededader hebben zich allereerst voorzien van houten knuppels als wapen en buiten zijn zij daarmee [slachtoffer 2] te lijf gegaan. [slachtoffer 1] werd met een zo krachtige vuistslag tegen de grond geslagen dat hij steil achterover met zijn hoofd tegen de stoep sloeg en vele aanwezigen hoorden dat zijn schedel brak.
Met name voor [slachtoffer 1] waren de gevolgen enorm: ziekenhuisopnames, operaties en tal van ernstige lichamelijke klachten, waarvan een aantal mogelijk blijvend. Tot op de dag van vandaag (nu ruim een jaar na het misdrijf) kan hij zich slechts in een rolstoel voortbewegen en heeft hij behalve lichamelijke klachten ook cognitieve beperkingen die zijn functioneren in het dagelijks leven ernstig nadelig beïnvloeden. Van een zelfstandig werkende en wonende jongeman werd hij van het ene op andere moment volledig van anderen afhankelijk. Als zijn moeder hem niet zou kunnen verzorgen, zou hij in een verpleeghuis moeten verblijven. Zijn beroep van metaalbewerker kan hij niet meer uitoefenen. Daarnaast hebben beide slachtoffers het gebeuren als uiterst schokkend ervaren en ondervinden zij daarvan nog dagelijks de nadelige psychische gevolgen.
Weliswaar is de bewuste vuistslag niet door verdachte maar door zijn mededader toegediend, toch acht de rechtbank hem daarvoor in gelijke mate verantwoordelijk. Verdachte vervulde gedurende het gehele conflict een leidende rol. Verdachte was de oudere van de twee en wordt door getuigen beschreven als ‘doorgewinterde kraker’ naast de mededader als ‘jonge hond’. In plaats van een meer bij zijn leeftijd en positie passende matigende invloed uit te oefenen, heeft verdachte het conflict alleen maar opgestookt. Hij haalde de houten knuppels erbij en kwam ook op het idee om daarmee naar buiten te gaan.
De rechtbank rekent het verdachte aan dat hij er nadrukkelijk bij de oplossing van het conflict voor heeft gekozen het recht in eigen hand te nemen. In plaats van de politie in te schakelen koos men er welbewust voor de twee lastige klanten desnoods van de openbare weg af te slaan.

De rechtbank houdt rekening met de omstandigheid dat verdachte blijkens een uittreksel uit het justitieel documentatieregister niet eerder voor enig strafbaar feit is veroordeeld en ziet mede hierin aanleiding een deel van na te noemen straf in voorwaardelijke vorm op te leggen. Het voorwaardelijke deel strekt er voorts toe verdachte ervan te weerhouden zich in de toekomst wederom aan strafbare feiten schuldig te maken.

Anders dan de officier van justitie, acht de rechtbank niet bewezen de poging tot doodslag op [slachtoffer 1] en de poging tot zware mishandeling van [slachtoffer 2]. De rechtbank ziet hierin aanleiding om voor wat betreft de op te leggen straf naar beneden toe af te wijken van de eis van de officier van justitie.

Ten aanzien van de benadeelde partij

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij
[slachtoffer 1], niet van zo eenvoudige aard is dat zij zich leent voor de behandeling in dit strafgeding. Van de zijde van Vrankrijk heeft [slachtoffer 1] thans ruim € 20.000,- aan schadevergoeding ontvangen. Dat hij meer schade heeft geleden en zal lijden is zeer aannemelijk, maar wat de omvang daarvan is en of die geheel aan verdachte moet worden toegerekend is in deze strafrechtelijke procedure niet vast te stellen. Gelet hierop zal de rechtbank bepalen dat de benadeelde partij in de vordering niet-ontvankelijk is. De benadeelde partij kan de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.


8. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 47, 57, 300, 301, 302 en 303 van het Wetboek van Strafrecht.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.


9. Beslissing

Verklaart het onder 1 primair, 2 primair en 2 subsidiair ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart bewezen dat verdachte het onder 1 subsidiair en 2 meer subsidiair ten laste gelegde heeft begaan, zoals hiervoor in rubriek 3 is aangegeven.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.
Het bewezenverklaarde levert op:

Ten aanzien van het onder 1 subsidiair bewezenverklaarde:

  Medeplegen van zware mishandeling gepleegd met voorbedachten rade.

Ten aanzien van het onder 2 meer subsidiair bewezenverklaarde:

  Medeplegen van mishandeling gepleegd met voorbedachten rade.


Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, [verdachte], daarvoor strafbaar.


Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.

Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.

Beveelt dat een gedeelte, groot 8 maanden, van deze gevangenisstraf niet tenuitvoergelegd zal worden, tenzij later anders wordt gelast.

Stelt daarbij een proeftijd van 2 jaren vast.

De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.


Verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk in zijn vordering.

Dit vonnis is gewezen door
mr. C.P.E. Meewisse,   voorzitter,
mrs. Q.R.M. Falger en F.J. van de Poel,   rechters,
in tegenwoordigheid van mr. D. West,   griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 15 oktober 2009.



i Een proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 2 april 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.
ii Verklaring van verdachte ter terechtzitting d.d. 1 oktober 2009
iii Een proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 1] d.d. 6 juni 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.
iv Een proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 2 april 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.
v Verklaring verdachte ter terechtzitting d.d. 1 oktober 2009.
vi Een geschrift, zijnde een kopie van een ongedateerde aan [slachtoffer 1] gerichte brief van verdachte.
vii Een geschrift, zijnde een aanvraagformulier medische informatie d.d. 19 februari 2009 ingevuld door [huisarts], huisarts (doorgenummerde pag. 84)
viii Een proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 2 april 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.
ix Het proces-verbaal met nummer 2008257690-1 van 29 september 2008, in de wettelijke vorm[0] opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (doorgenummerde pag. 72 e.v.).
x Een proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 1] d.d. 6 juni 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.
xi Het proces-verbaal met nummer 2008257690 van 23 maart 2009, in de wettelijke vorm[0] opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [opsporingsambtenaar 2] en [opsporingsambtenaar 3] (doorgenummerde pag. 266 e.v.).
xii Een geschrift, zijnde een brief van 23 september 2008 van [persoon 2], co-assistent neurologie bij het Vu medisch centrum.
xiii Een verslag van het Nederlands Forensisch Instituut, d.d. 11 september 2009, nummer 2009.05.04.035, opgemaakt door H.N.J.M. van Vernooij op de door hem als vast gerechtelijk deskundige afgelegde belofte
(doorgenummerde pag. 450 e.v.).
xiv Verklaring van deskundige H.M. de Bakker ter terechtzitting van1 oktober 2009.
xv Verklaring van de deskundige M.A. van Buchem ter terechtzitting van 1 oktober 2009.
xvi Het proces-verbaal met nummer 2008257690-9 van 6 oktober 2008, in de wettelijke vorm[0] opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1] (doorgenummerde pag. 86 e.v.).
xvii Het proces-verbaal met nummer 2008257690 van 24 februari 2009, in de wettelijke vorm[0] opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [opsporingsambtenaar 4] en [opsporingsambtenaar 2] (doorgenummerde pag. 152 e.v.).
xviii Een proces-verbaal van verhoor van getuige [slachtoffer 1] d.d. 26 juni 2009 van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank.


Parketnummer: 13/525080-09 (Promis)    Vonnis: 15 oktober 2009
[verdachte]

Vrankrijk: Het Vonnis

Door Keesjemaduraatje
Nu is het vonnis van de Vrankrijk mishandeling gepubliceerd. Opmerkelijk onderdeel is de betrouwbaarheid van de getuigen:

Betrouwbaarheid getuigenverklaringen

De rechtbank merkt op dat in het dossier een groot aantal getuigenverklaringen zit van personen, allen kennelijk betrokken bij Vrankrijk, die eerst in het geheel niet of heel beperkt hebben willen verklaren. De politie werd aanvankelijk letterlijk buiten de deur van Vrankrijk gehouden. Voorts blijkt uit diverse mail-, tap- en internet-berichten dat na 13 september 2008 uitvoerig overleg tussen diverse betrokkenen is gevoerd. Men heeft vergaderingen belegd over hoe een zo veel mogelijk eensluidend verhaal, met zo min mogelijk schade voor de mensen binnen de groep, naar Vrankrijk buiten kon worden gebracht. Dit is ook het beeld dat uit een groot aantal van de bij de rechter-commissaris afgelegde verklaringen naar voren komt. Dit beeld is er de reden van dat de rechtbank meer waarde hecht aan verklaringen van hen die kennelijk niet tot de Vrankrijkgroep behoren (en overigens evenmin tot de vriendenkring van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]) en daardoor met meer afstand over het voorval hebben kunnen verklaren.

Één conflictsituatie

Op grond van bovenstaande feiten en omstandigheden is de rechtbank, anders dan de verdediging, van oordeel dat de gebeurtenissen op de avond van 13 september 2008 niet als op zichzelf staande incidenten, maar als één geheel moeten worden gezien en beoordeeld. Vanaf het moment van aankomst van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] bij Vrankrijk worden er door het personeel, waaronder verdachte en medeverdachte [medeverdachte], afspraken gemaakt over hoe met de te verwachten moeilijkheden zal worden omgegaan. Vanaf het eerste contact hangt er een sfeer van irritatie en animositeit, aanvankelijk met de hond van [slachtoffer 1] als inzet, die uiteindelijk pas definitief ten einde komt als [slachtoffer 1] bewusteloos op de grond ligt en [slachtoffer 2] wordt afgevoerd door de politie. Tussendoor varieert de intensiteit van de wederzijdse vijandigheden maar op geen enkel moment was het contact afgerond. Het handelen van verdachte en [medeverdachte] was steeds gericht tegen dezelfde personen en elk handelen en nalaten was een direct gevolg van het voorgaande. De geweldsmomenten in het contact volgden elkaar binnen een betrekkelijk kort tijdsbestek op. Verdachte en medeverdachte [medeverdachte] stond telkens één en hetzelfde doel voor ogen, namelijk: hoe [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] bij Vrankrijk weg te krijgen. Dit hebben zij op verschillende manieren (het duwen uit het café, de stoot met de stok bij de deur tegen het voorhoofd van [slachtoffer 1], het slaan met de stokken tegen het lichaam van [slachtoffer 2] en tot slot de vuistslag tegen het hoofd van [slachtoffer 1]), getracht te bereiken.
Hoewel hiervoor onder 4.3 is overwogen dat het stoten met de knuppel niet bewezen wordt geacht (niet omdat het stoten niet zou zijn voorgevallen maar louter omdat dit handelen niet beschouwd wordt als handelen gericht op zware mishandeling), betrekt de rechtbank deze handeling wel bij de beoordeling van het conflict als geheel. Daarbij is van belang dat de rechtbank niet de stelling van de verdediging volgt, dat bij de deur sprake is geweest van een aparte situatie en wel een noodweersituatie waarbij verdachte en [medeverdachte], door het geven van de stoot met de stok tegen het voorhoofd van [slachtoffer 1], subsidiair en proportioneel hebben gehandeld ter afwending van de ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding door [slachtoffer 1]. Daargelaten de vraag of de omstandigheid dat iemand zijn voet tussen de deur houdt een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding oplevert waartegen het geboden is zich te verdedigen, acht de rechtbank het door verdachte en [medeverdachte] uitgeoefende geweld niet proportioneel. Door [slachtoffer 1] met een knuppel met zodanig veel kracht op zijn hoofd te stoten dat zijn hoofdhuid scheurde en er een bloedende hoofdwond ontstond, zijn verdachten in hun reactie veel te ver gegaan en hebben zij de grenzen van het daarbij redelijkerwijs te gebruiken geweld in vergaande mate overschreden.

Klik hier voor het gehele vonnis in Word Formaat
 

Vrankrijk: Het Vonnis

Door Keesjemaduraatje
Nu is het vonnis van de Vrankrijk mishandeling gepubliceerd. Opmerkelijk onderdeel is de betrouwbaarheid van de getuigen:

Betrouwbaarheid getuigenverklaringen

De rechtbank merkt op dat in het dossier een groot aantal getuigenverklaringen zit van personen, allen kennelijk betrokken bij Vrankrijk, die eerst in het geheel niet of heel beperkt hebben willen verklaren. De politie werd aanvankelijk letterlijk buiten de deur van Vrankrijk gehouden. Voorts blijkt uit diverse mail-, tap- en internet-berichten dat na 13 september 2008 uitvoerig overleg tussen diverse betrokkenen is gevoerd. Men heeft vergaderingen belegd over hoe een zo veel mogelijk eensluidend verhaal, met zo min mogelijk schade voor de mensen binnen de groep, naar Vrankrijk buiten kon worden gebracht. Dit is ook het beeld dat uit een groot aantal van de bij de rechter-commissaris afgelegde verklaringen naar voren komt. Dit beeld is er de reden van dat de rechtbank meer waarde hecht aan verklaringen van hen die kennelijk niet tot de Vrankrijkgroep behoren (en overigens evenmin tot de vriendenkring van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]) en daardoor met meer afstand over het voorval hebben kunnen verklaren.

Één conflictsituatie

Op grond van bovenstaande feiten en omstandigheden is de rechtbank, anders dan de verdediging, van oordeel dat de gebeurtenissen op de avond van 13 september 2008 niet als op zichzelf staande incidenten, maar als één geheel moeten worden gezien en beoordeeld. Vanaf het moment van aankomst van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] bij Vrankrijk worden er door het personeel, waaronder verdachte en medeverdachte [medeverdachte], afspraken gemaakt over hoe met de te verwachten moeilijkheden zal worden omgegaan. Vanaf het eerste contact hangt er een sfeer van irritatie en animositeit, aanvankelijk met de hond van [slachtoffer 1] als inzet, die uiteindelijk pas definitief ten einde komt als [slachtoffer 1] bewusteloos op de grond ligt en [slachtoffer 2] wordt afgevoerd door de politie. Tussendoor varieert de intensiteit van de wederzijdse vijandigheden maar op geen enkel moment was het contact afgerond. Het handelen van verdachte en [medeverdachte] was steeds gericht tegen dezelfde personen en elk handelen en nalaten was een direct gevolg van het voorgaande. De geweldsmomenten in het contact volgden elkaar binnen een betrekkelijk kort tijdsbestek op. Verdachte en medeverdachte [medeverdachte] stond telkens één en hetzelfde doel voor ogen, namelijk: hoe [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] bij Vrankrijk weg te krijgen. Dit hebben zij op verschillende manieren (het duwen uit het café, de stoot met de stok bij de deur tegen het voorhoofd van [slachtoffer 1], het slaan met de stokken tegen het lichaam van [slachtoffer 2] en tot slot de vuistslag tegen het hoofd van [slachtoffer 1]), getracht te bereiken.
Hoewel hiervoor onder 4.3 is overwogen dat het stoten met de knuppel niet bewezen wordt geacht (niet omdat het stoten niet zou zijn voorgevallen maar louter omdat dit handelen niet beschouwd wordt als handelen gericht op zware mishandeling), betrekt de rechtbank deze handeling wel bij de beoordeling van het conflict als geheel. Daarbij is van belang dat de rechtbank niet de stelling van de verdediging volgt, dat bij de deur sprake is geweest van een aparte situatie en wel een noodweersituatie waarbij verdachte en [medeverdachte], door het geven van de stoot met de stok tegen het voorhoofd van [slachtoffer 1], subsidiair en proportioneel hebben gehandeld ter afwending van de ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding door [slachtoffer 1]. Daargelaten de vraag of de omstandigheid dat iemand zijn voet tussen de deur houdt een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding oplevert waartegen het geboden is zich te verdedigen, acht de rechtbank het door verdachte en [medeverdachte] uitgeoefende geweld niet proportioneel. Door [slachtoffer 1] met een knuppel met zodanig veel kracht op zijn hoofd te stoten dat zijn hoofdhuid scheurde en er een bloedende hoofdwond ontstond, zijn verdachten in hun reactie veel te ver gegaan en hebben zij de grenzen van het daarbij redelijkerwijs te gebruiken geweld in vergaande mate overschreden.

Klik hier voor het gehele vonnis in Word Formaat
 

Vrankrijk: Openbaar Ministerie in Hoger Beroep

Ik had het een paar dagen geleden al uit betrouwbare bron gehoord en nu staat het op ANP:

AMSTERDAM - Het Openbaar Ministerie (OM) gaat in hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank in de zaak van de ernstige mishandeling van twee bezoekers van het Amsterdamse kraakcafé Vrankrijk. Justitie vindt, in tegenstelling tot de rechter, dat poging tot doodslag wel is bewezen en stemt daarom niet in met de twee jaar cel, waarvan acht maanden voorwaardelijk, die Carlo L. (49) en de Deen Jacob G. (25) eerder deze maand kregen opgelegd.

Grandetoft_als_krakerDat liet een woordvoerder van het OM vrijdag weten. De rechtbank achtte het tweetal schuldig aan het opzettelijk medeplegen van zware mishandeling. Justitie had tegen beide mannen zes jaar cel geëist. Bij de vechtpartij in september vorig jaar liep een 34-jarige man een schedelbreuk op. Een ander raakte lichtgewond.

De daders waren op de bewuste avond bewaker bij het café aan de Spuistraat en weigerden het (vermoedelijk dronken) tweetal binnen te laten omdat ze een hond bij zich hadden. Daarop ontstond een ruzie, die zich op straat voortzette. De bewakers deelden meerdere klappen uit en gebruikten daarbij knuppels. De rechtbank erkende dat de bezoekers zich vervelend gedroegen, maar zag geen nut in het geweld dat daarop werd gebruikt. Een derde verdachte ging vrijuit.

Burgemeester Job Cohen sloot het kraakcafé in februari van dit jaar, omdat Vrankrijk het onderzoek naar deze zaak tegenwerkte. Een groot aantal mensen was getuige van de knokpartij, maar de politie kon de verdachten pas afgelopen maart aanhouden.

De advocaat van de verdachten beraadt zich nog op een hoger beroep, liet hij vrijdag weten. (ANP) 

Bestuurslid van Meel

De politie heeft na de mishandeling van Yoghurt en Harmjan op 13 september 2008 de bestuursleden gevraagd op het bureau te komen. Ze hopen dat er een barlijst wordt overhandigd, zodat ze weten wie er verantwoordelijk was die avond. Geen van de bestuursleden heeft ook maar iets afgeleverd of verteld. Daarbij maakt Emmy van Meel het nog het meest bont.

Emmy (25-12-1952, Someren) kennen we als medewerkster van Het Fort van Sjakoo, de boekhandel op de Jodenbreestraat24. Schrijfster van het Zwartboek Ontruimingen. Hoewel ze kritisch staat ten opzichte van het gebeurde en de manier waarop Vrankrijk erop heeft gereageert, houdt ze toch haar mond. De daders mogen zelfs Het Fort niet meer in. Maar de zaak helpen oplossen ligt niet in haar macht. Ze zou daarna in één klap al haar sociale contacten, in haar buurt de Schinkelbuurt en bij het Fort kwijt zijn. Mondje dicht Emmy.

Op 13 oktober om 16:00 uur moest Emmy op het politiebureau komen. Ze komt zonder bericht niet opdagen. Waarom niet? Per ongeluk is de brief gericht aan "de heer van Meel". Dus hoeft ze niet te komen. De volgende ontbieding wordt verzonden. Op 18 oktober, om 14.00 uur moet ze opnieuw op bureau IJtunnel komen. De politie krijgt geen bruikbare informatie van haar.

Wednesday, October 21, 2009

Nigeriaanse oplichters

Door Keesjemaduraatje
Ik wil jullie niet vervelen met steeds weer een brief van mijn Nigeriaanse vrienden die mij een enorme som geld aanbieden, dat ik alleen maar even hoef te stallen en verder niets. Maar ik krijg er nu wel elke tweede dag weer één. Daarom heb ik er maar een apart weblog aan gewijd:

http://www.scam419.web-log.nl/

Check dan: de Twitter update Feed

Dit bericht is er alleen maar om te testen of mijn berichten op web-log, hier dus, worden gepubliceerd op mijn Twitter en Facebook.

dat scheelt weer een hoop kopieerwerk

Tuesday, October 20, 2009

Vrankrijk: OM in hoger beroep

Door Keesjemaduraatje
Zojuist bekend gemaakt. Het Openbaar ministerie gaat in alle drie Vrankrijk-mishandeling zaken in hoger beroep. Het op het hoofd slaan met een knuppel dan wel steigerpijp (door Jacob Grandetoft en Carlo L.), ziet het OM als poging tot doodslag en wil daarom een zwaardere straf. Tegen Jeroen "Macho" D. gaat het OM in hoger beroep, omdat het slaan van een dronken weerloos iemand, gezien wordt als mishandeling en niet als zelfverdediging.

Monday, October 19, 2009

Vrankrijk-drama kost Guus Klijn zijn functie

Door Keesjemaduraatje
De mishandeling van Yoghurt bij het kraakcafé Vrankrijk op 13 september 2008 heeft gevolgen gehad voor de bestuursfuncties van de Stichting Barst, de beheerder van het café. Guus Klijn was al sinds 26 juli 2001 penningmeester van de stichting. Na de mishandeling op de bewuste zaterdag in september heeft hij er mede voor gezorgd dat er 21.000 euro aan het slachtoffer werd uitgekeerd. Vrankrijk_aut_sol_klein Zoals we op de dag van het proces hebben gehoord is dat bedrag veel te laag. Alleen al door inkomstenderving van Yoghurt zou een veel hoger bedrag van rond de 100.000 euro op zijn plaats zijn geweest. 

Nu heeft Guus Klijn zijn bestuursfunctie bij de Stichting Barst neergelegd, zoals we kunnen zien uit onderstaand uittreksel van de Kamer van Koophandel:

Naam  Klijn, Guus / 2 
Geboortedatum en -plaats  30-11-1971, Melbourne, Australië 
Infunctietreding  26-07-2001 
Titel  Penningmeester 
Bevoegdheid  Gezamenlijk bevoegd (met andere bestuurder(s),
zie statuten) 
Uit functie  10-02-2009

Guus Klijn heeft zich vanaf het begin geheel aan de mishandelingszaak proberen te onttrekken. Meerdere keren heeft de politie geprobeerd een getuigeverklaring op te nemen, maar Guus is daar niet op in gegaan. Hij heeft zich aangesloten bij de verklaring die mijnheer Roeland, houder van de tapvergunning, heeft afgelegd. Guus beriep zich op een gegeven moment zelfs op zijn advocaat om maar geen bezoek aan de politie te hoeven afleggen.

Nu heeft dat dus geresulteerd in het neerleggen van zijn functie. De enige overgebleven bestuurders van Stichting Barst zijn nu nog Emmy van Meel (Zwartboek Ontruimingen) en Gert-Jan Bakker (Meldpunt Ongewenst Verhuurgedrag (MOV).      

Sunday, October 18, 2009

Meningen over DSB en AOW

Door Keesjemaduraatje
Daar zitten jullie natuurlijk op de zondagavond met smart op te wachten. Op de meningen van Keesjemaduraatje qua DSB-Bank-Drama en AOW-leeftijdverhoging. Daar komen ze dan. Kan je in de comments iets roepen en je eigen mening geven:

AOW-leeftijd
De staat bewijst weer eens dat het een heel slecht verzekeringsbedrijf is. Je betaalt je hele leven premie en met één pennestreek wordt er een besluit genomen waardoor je er veel minder voor terug krijgt dan was afgesproken. Als je namelijk pas vanaf je 67 AOW krijgt, dan krijg je minder waar voor je geld. Minder dan was afgesproken. Bovendien moet je langer premie betalen, om die lagere vergoeding te krijgen.

De_eerste_aow_uitkering_1957Dan kan je beter zelf iets sparen voor je oude dag. Dat is dan weer een probleem, want ondanks de emancipatiegolven en de veel betere opleiding, gedragen de Nederlanders zich als een stel onvolwassen kinderen. Ze sluiten leningen af die ze niet kunnen betalen en ze beleggen bij louche banken en ze doen mee met rare hypotheek-fondsen. Dus je kan het sparen voor de oude dag haast niet aan de mensen zelf overlaten. Zit er maar één ding op: koop een huis en betaal dat dan tenminste af. Ja, daar moet ik zelf ook eens aan beginnen te denken.

Ik merk het in het bedrijf waar ik werk. De grote multinationals willen helemaal niet dat je tot je 65-ste of 67-ste werkt. Ze gooien je er liever uit. En dan moet je nog een paar jaar via een uitzendbureau werken of je gaat 's ochtends met een grote taxi kindertjes naar school brengen. Dat soort werk. Om je hoofd een beetje boven water te houden. Dus dat werken tot je 67-ste, dat wordt sappelen tot je 67-ste. Dat zie ik al helemaal aankomen. En dus is het een schande dat de pensioenfondsen aan die 67 maatregel meedoen. Want dat is wél geld dat we zelf gespaard hebben.

Zo zie je maar weer dat ondanks alle inspraak en democratisering, je gewoon genaaid wordt waar je zelf bijstaat. En het zijn de paternalistische partijen PvdA, VVD en CDA die ons dit aandoen.

Hape Kerkeling in het Nederlands

Door Keesjemaduraatje
Deze weblog is veel gelezen door onzere Duitse vrienden en daarom hier bij de bewijs dat het gar niet zwierig is Nederlands te spreken en dat er zowaar Duitse komikers zijn die de Nederlandse spraak  van de Pieke op, uitgetekend beheersen:

Zelfbenoemd oud-kraker

Door Keesjemaduraatje
Vandaag wordt ik in het Parool omschreven als "zelf benoemd oud-kraker".
http://krakenpost.nl/archief/Oct/0194.html#start

"Zelfbenoemd oud-kraker en web-logger Kees Maduraatje gelooft heilig in het
verhaal rond de steigerpijpen, de opzet van Vrankrijk en de stelling dat
de verdachten hun verhalen op elkaar hadden afgestemd om elkaar te
beschermen. Het kwam de weblogger op woedende reacties uit de kraakwereld
te staan."

Op zich is het goed dat de dode-boom-media nu ontdekken dat er soms meer informatie op weblogs dan in hun eigen geredigeerde krant staat en dat ze daar naar verwijzen, hoewel een linkje er natuurlijk weer niet vanaf kan. Maar zelfs als ze meningen overschrijven, kunnen ze het niet laten er nuancerende tussenvoegsels aan toe te voegen, die het verhaal weer afbreuk doen. Ook de journalisten van het Parool hebben de gelegenheid gehad de gehele dag in de rechtzaal te gaan zitten en dan hadden ze met eigen oren gehoord dat de verklaringen van Vrankrijk-bezoekers eenduidig dezelfde waren en op elkaar afgestemd. 

Thursday, October 15, 2009

Goedkoop vonnis voor Vrankrijk

Door Keesjemaduraatje
Tijdens de rechtzaak tegen Carlo L. en Jacob G.. over de mishandeling bij kraakcafe Vrankrijk op 13 september 2998, werd door de advocate van Yoghurt een schadevergoeding van 100.000 Euro geeist. Er werd een uitvoerige lijst met kosten voor ziekenvervoer, rolstoel, gederfde inkomsten en fiets met drie wielen ingediend. De rest van de schadevergoeding bestond uit immateriele schade. Er was inmiddels door het kraakcafe 21.000 Euro aan Yoghurt betaald.

De Officier van Justitie diende als eis tot schadevergoeding voor het slachtoffer ook 100.000 Euro in, waarbij de 21.000 reeds betaald wordt afgetrokken. De kosten die gemaakt zijn voor 10 oktober 2008 worden door haar wel erkend en de kosten daarna niet. Yoghurt was voor 10 oktober 2008 niet verzekerd tegen ziektekosten.

De advocaat van Jacob en Carlo verzette zich met hand en tand tegen de behandeling van de schadevergoeding tijdens dezelfde rechtzaak. Hij had zich daar niet goed op voorbereid. De rechter zette echter de behandeling gewoon door.

Nu is vandaag door de rechter geen schadevergoeding toegekend. Ze vond de eis "te moeilijk". Dat is natuurlijk grote onzin. Dan had ze de eis toe schadevergoeding niet in dezelfde rechtstermijn moeten behandelen. Nu komt Vrankrijk er wel heel goedkoop vanaf. Geen verdere schadevergoedingen te betalen en over vier maanden weer lekker verder feesten met Jacob en Carlo.   

Indymedia over de uitspraak Vrankrijk-mishandeling

Oproep_vrankrijk

Uitspraak in zaak Vrankrijk

http://www.rechtspraak.nl/Actualiteiten/Uitspraak+in+zaak+Vrankrijk.htm

Amsterdam, 15 oktober 2009 - De rechtbank Amsterdam heeft twee medewerkers van krakerscafé Vrankrijk in Amsterdam veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk voor zware mishandeling en mishandeling met voorbedachten rade.
Op 13 september werden twee dronken mannen het café uitgezet, en ontstond buiten onenigheid waarbij een van de mannen onder meer een vuistslag tegen zijn hoofd kreeg, waardoor hij steil achterover viel en ernstig letsel opliep. De andere man werd met een knuppel tegen zijn lichaam geslagen.
De rechtbank stelt beide verdachten in dezelfde mate verantwoordelijk voor de (zware) mishandelingen, maar komt tot een lagere straf omdat poging tot doodslag niet bewezen wordt geacht. Een derde verdachte gaat vrijuit omdat volgens de rechtbank in zijn geval sprake was van noodweer.
De vonnissen worden z.s.m. gepubliceerd

Bron: Rechtbank Amsterdam
Datum actualiteit: 15 oktober 2009

2 jaar cel voor de Vrankrijk mishandelaars

http://www.at5.nl/artikelen/25399/rechtbank-doet-uitspraak-in-zaak-vrankrijk
Jacob G en Carlo L  hebben donderdag twee jaar waarvan acht maanden voorwaardelijk gekregen. De rechtbank achtte zware mishandeling met voorbedachte rade bewezen, maar poging tot doodslag kon volgens de rechter niet aangetoond worden.

Bij het incident in september 2008 liep een kraker met de bijnaam Yoghurt een schedelbasisfractuur en een gehoorbeschadiging op. Ook kan hij niet meer lopen. Het andere slachtoffer raakte ook gewond maar minder ernstig. Het Openbaar Ministerie eiste een week geleden zes jaar cel tegen twee van de drie verdachten. De krakers Jacob G. (25) en Carlo L. (49) zouden de slachtoffers meerdere keren hebben geslagen met een steigerpijp. Daardoor zouden ze mogelijk ook schuldig zijn aan poging tot moord.


Tsjaa, dan zijn ze wel al snel weer op vrije voeten. Volgens Dr. D al na vier maanden vanaf nu.

24 maanden, min 8 = 16.
Daarvan 2/3 zitten = 11 maanden
6 maanden al gezeten.

Dus dat kan wel kloppen. Nog 4 of 5 maanden zitten en dan lopen ze weer vrij rond. En Jeroen ontspringt de dans.

Wednesday, October 14, 2009

KAWABIEN

Door Keesjemaduraatje
De 27-jarige advocate E.E. te Bremen legt haar dossier ter zijde. Even een kop koffie zetten. De telefoon gaat. Ze loopt naar het toestel toe en neemt op. "Hier spricht Postdienststelle Bremen, Wackemann am Apparat. Hier liegt ein Telegramm aus Tunesien vor. Ich lese mal vor..."

Ain_draham_10E.E. krijgt hartkloppingen. Haar vriend Keesje M. is reeds twee maanden geleden vertrokken naar het onherbergzame gebied de Kroumerie in NW Tunesie en ze heeft slechts twee keer een brief van hem mogen aanvaarden. Zou er iets aan de hand zijn? Er zijn ook vier jonge meiden met hem mee gegaan. Cultureel Antropologisch Leeronderzoek van de Vrije Universiteit, de naam zegt het al. Je weet maar nooit. Twee weken geleden heeft ze een brief geschreven waarin ze schrijft dat hij moet antwoorden, omdat ze het niet meer uithoudt. "Alsjeblieft laat iets weten"

"Ich lese jetzt vor: KAWABIEN"

Nu draait ze geheel door. Hij is zeker dood. KAWABIEN. Het is toch niet te geloven. Gaan ze een Arabische tekst telegraferen! Ze gooit de hoorn op de haak ( in 1983, want daar hebben we het over, hadden telefoons nog een draaischijf en een haak, waar de hoorn op gegooid kon worden) Ze springt op haar fiets en rijdt naar het Hauptpostamt (In die tijd bestonden er nog postkantoren, waar je een telegram kon versturen dan wel ophalen. Soms werd het telegram zelfs aan huis bezorgd). Daar aangekomen moet ze eerst een half uur in de rij gaan staan. Alle tijd. Eindelijk is ze aan de beurt. Er wordt een stuk papier overhandigd. Ze leest het:

Ca Va Bien

Keesjemaduraatje had in die tijd namelijk niet zo veel geld en een telegram is zelfs in een ontwikkelingsland als Tunesië erg duur. 15 gulden (3 Dinar) om precies te zijn. Dus toen hij vanuit het dorp Sidi Mohammed, waar hij een politiek antropologisch onderzoek doet naar de "Changements Politique dans une village rurale Tunesien", na een voettocht van 2 uur eindelijk in Tabarka aankomt, denkt hij de kortst mogelijke zin uit, die een Tunesisiche telegrafist ook nog kan begrijpen en komt op de lumineuze zin van "Ca Va Bien"

E.E. keert voldaan huiswaarts en enkele dagen later krijgt ze meteen drie brieven tegelijkertijd in haar bus geduwd. Keesje M. leeft nog.

Monday, October 12, 2009

Palestijnen dan maar weer?

Door Keesjemaduraatje
Dit wordt langzamerhand een weblog over Palestijnen en krakers. Je moet toch wat. De laatste dagen komen er niet zoveel reacties over de krakers meer. Zijn jullie een beetje krakersmoe? Palestijnen dan maar weer? Ik heb nog iets anders. Als je op een domrechts weblog niks meer hebt om over te schrijven, dan kan je altijd nog een anecdote over Peter Breedveld uit de kast halen. Vele bezoekers op dit weblog weten niet wie dat is en dat is erg jammer. Je kan zoveel plezier aan deze grootste schreeuwer van de islambashing gemeenschap hebben.

Op de een of andere manier zag ik op de Twitter dat de vriendin van Peter Breedveld ook Twittert. Dus dan volg ik zo iemand. Interessant genoeg. Tenslotte zit ze bij Vrouw en Paard en ze heeft een documentaire voor de NIO (Nederlandse Islamitische Omroep) gemaakt over Marokkanen en de liefde. Blijkt dat hoogopgeleide Marokkaanse vrouwen moeilijk aan een partner komen. Wat een nieuws. De Marokkaanse mannen zijn te conservatief en te laag opgeleid en de Nederlandse mannen zien ze niet staan. Het zijn net mensen.

Dus ik volg meteen die Hassnae Bouazza en om het meteen goed te doen ook die Peter Breedveld. Dat hij zich niet zo alleen voelt. Kijk eens hoe ze reageert:

Bouazza

   

Sunday, October 11, 2009

Hoofd Deurploeg Vrankrijk

Door Keesjemaduraatje
AutonoomWe naderen de datum van de waarheid. De uitspraak in de zaak Vrankrijk. Alle verhalen zijn nu geschreven en de daders, verdachten en medeplichtigen zullen de rest van hun leven deze last mee moeten dragen, van een strijdmakker invalide geslagen te hebben, dan wel erbij gestaan te hebben, dan wel de slagwapens mooi verstopt te hebben.

Eén verdachte is nog niet aan het woord geweest. Carlo. Hoewel al jaren in de scene actief kan eigenlijk niemand precies zeggen wie of wat hij is. Hoofd Deurploeg Vrankrijk ,ja. Dat is hij geworden een half jaar voor de mishandeling. Vonden sommige mensen vreemd, vanwege zijn contactschuwheid. Meer is er niet over te vertellen.

Nu spreekt een ex-punk, Dr. D. op zijn eigen weblog over Carlo:

"Het sociale netwerk van Carlo heeft zich altijd al beperkt
tot mensen binnen de 'beweging'.
Hij kent niet anders.
Nogal boud gesteld hoor ik U denken, het feit is dat ondergetekende
Carlo jarenlang van nabij heeft meegemaakt en
met hem op de sparringsmat heeft gestaan.
Carlo met zijn altijd gepoetste Doc Martens en bomberjack.
Waarbij het meest frappante zijn fascinatie voor militairisme was.
'Not done' in de alternatieve hoek van de jaren `80,
maar hij was een vriend van een hele goede maat dus laat maar.
Bovendien was Carlo als vechtsporter niet zo`n hoogvlieger
wat hem wel eens een 'tikkie' extra opleverde.
Behalve vechtsport had Carlo een obsessie voor wapentijdschriften,
toentertijd niet bepaald de goedkoopste magazines.
Een echt vuurwapen paste niet binnen het budget(lees:uitkering) wel sliep
Carlo met een overlevingsmes onder zijn kussen.
Zou hem als toen willen omschrijven als iemand met autistische trekjes
en lichtelijk paranoia."

Zo, dat weten we nu. Het is niet veel. Een echt motief is na een jaar nog niet gegeven.

Openlijke geweldpleging, Pijpbommen en Huisvredebreuk

Door Keesjemaduraatje
Jacob Grandetoft, verdacht van poging tot doodslag op kraker Yoghurt, gepleegd op 13 september 2008,  is lid van de Deense radicale organisatie TRABB (Red and Black Block). Als lid van de harde kern van die organisatie pleegde hij onder meer de volgende delicten: openlijke geweldpleging, bezit van Jacob_grandetoft verboden wapens (pijpbommen) en huisvredebreuk. In 2004 werd hij bij een kraakactie gearresteerd. Het is tot nog toe onbekend of dat tot een veroordeling heeft geleid.

Deze informatie staat op de Deense website Blog.balder.org.

Op de website www.fyens.dk lezen we nog over schulden die hij zou hebben. In 2004 heeft Jacob een groot festival georganiseerd. Hij heeft samen met zijn vriend Peter Teil Laustsen een culturele subsidie aangevraagd onder de titel "Kunst in het Groen". De autoriteiten kwamen er echter achter dat het festival een autonoom en links-radicaal karakter had en eisten het geld terug. Daardoor heeft hij een schuld van 24.000 kronen (=5000 Euro). Als pedagogisch assistent verdient hij echter te weinig om dit geld terug te kunnen betalen. Bovendien is hij in 2004 werkloos.

De laatste keer dat Jacob in Denemarken in het nieuws was, wilde een groep jonge leden van de Trabb een conferentie in Svendborg organiseren. De vergunning werd geweigerd. De gemeente was bang dat  de conferentie tot een kraakactie zou leiden en dat de opening van het natuurhistorisch museum Naturama, door de actievoerders verstoord zou worden. TRABB heeft bij deze gelegenheid een proces tegen de gemeente gevoerd om het congres door te laten gaan.

Friday, October 09, 2009

Denen weten het beter

Door Keesjemaduraatje

JacobgrandetoftdenmarkafatrabbNou hoor je het ook eens van een ander. Op het Deens weblog Balder.org wordt Keesjemaduraatje genoemd als extreem-linkse bron. Zo.

De mensen van Balder kennen Jacob Grandetoft als extreem linkse actievoerder en lid van AFA en Trabb (Red and black block). Nu is Jacob verdachte in de mishandelingszaak van kraakpand Vrankrijk.

(foto: Jacob in zijn Deense tijd)

Thursday, October 08, 2009

Vrankrijk: Dader Carlo

Door Keesjemaduraatje
Hoe komt iemand erbij, ook al is hij dan kraker, ook al is hij dan Vrankrijk-kraker, ook al is hij dan hoofd-van-de-deurploeg-vanVrankrijk-kraker, iemand dermate met een stoelpoot, dan wel tafelpoot, dan wel steigerpijp, dan wel enig ander knuppelachtig voorwerp, dermate toe te takelen, dat hij er hersenletsel aan overhoudt. Zeker gezien het feit dat het slachtoffer Yoghurt enkele weken vooraf nog geholpen heeft het huisraad van ontruimde krakers uit de Oosterparkbuurt te verhuizen. Zeker gezien het feit dat Yoghurt de deur van Vrankrijk heeft gelast en hij enkele  jaren bardienst in de Vrankrijk heeft gedraaid. Hoe komt Carlo daar bij? Wat is zijn motivatie en wat voor voordelen heeft hij hiervan?

Dat zijn vragen die helaas bij de rechtzaak helemaal niet aan de orde zijn gekomen. De verdachten wilden niets over hun achtergrond zeggen. Toch had de advocaat daar nog heel wat strafvermindering uit kunnen halen. Maar dan had Carlo met zijn billen bloot gemoeten en dat wilde hij niet gezien het feit dat, zoals hij het zelf formuleert: "We de traditie hebben onze zaken onderling te regelen"

Carlo heeft Yoghurt na de mishandeling en poging tot doodslag een brief geschreven. Yoghurt heeft die brief pas enkele maanden later aan de politie gegeven, omdat hij "de zaken intern wilde afhandelen". In die zin staan Yoghurt en Carlo op één lijn en Yoghurt had dat ook graag zo willen houden. De brief van Carlo vertelt precies wat er die avond gebeurd is en is in feite een schuldbekentenis. Uit door de politie afgeluisterde telefoongesprekken blijkt ook dat Carlo erop rekent 6 maanden tot 5 jaar gevangenisstraf te krijgen. Hij weet dus dat het niet zomaar een vechtpartijtje was, maar dat het tot een veroordeling voor poging tot doodslag kan leiden.

Yoghurt en HarmJan wilden op 13 september 2008 de bar van Vrankrijk binnen. Yoghurt hield een voet tussen de deur en Carlo stond achter die deur te duwen. Jacob stond in de deuropening en één van hen begon te tellen. "Als jullie niet weggaan gaan we slaan. We tellen tot drie". Daarna volgt de stoot op het voorhoofd van Yoghurt door Jacob. De deur wordt dichtgegooid.

Even blijft het stil en dan gaat het bonzen en trappen tegen de deur door. Carlo pakt uit de kamer ernaast twee stokken  en geeft er één aan Jacob. Samen bespreken ze wat ze zullen doen. "Niet op het hoofd" beweren ze nu tegen elkaar gezegd te hebben. De werkelijkheid is, dat Yoghurt alleen letsel aan het hoofd heeft overgehouden. Drie of meer krakers rennen naar buiten en Yoghurt en HarmJan worden finaal in elkaar geslagen.

Hoe kan iemand zo uitflippen en zo'n misdaad begaan?

Op de Publieke tribune

Door Keesjemaduraatje
Op donderdag 1 oktober is Keesjemaduraatje reeds vroeg opgestaan, ten einde op tijd in de rechtbank op de Parnassusweg te Amsterdam aanwezig te zijn. Om precies 8.23 rijdt hij de oprijlaan van de rechtbank. Daar staan dan al groepjes mensen bij de ingang van de rechtbank. De broer van Yoghurt lang bruin haar kijkt hem aan. Draaien en de volgende oprit nemen.

Na de nodige controles is Keesjemaduraatje de eerste die bij de balie van de rechtzaal aankomt. De moeder van Yoghurt is de volgende. "Blijft hier maar even wachten" zegt de bode. Langzaam komen er meer betrokkenen binnen. Koos Boos, Simon, en een oudere dame die Keesje nog van vroeger meent te herkennen.

Doctor D. komt binnen en stelt zich voor. Hij begint te praten over Yoghurt. "Die is zo gevoelig dat hij zelfs geen tatouage zou nemen" of woorden van gelijke strekking. De moeder van Yoghurt kijkt verontwaardigd. Daar zitten we dan. Een hele hoop oude krakers, betroffenen en betrokkenen bij elkaar. De krakers van de Vrankrijk, de Binnenpret en de Babypunkers staan bij de opgang naar de publieke tribune en ik heb niet veel zin om daar tussen te gaan staan. Ik gok erop dat ik de zaal wel binnen mag. Fout gegokt. er mogen maar drie mensen mee met de moeder van Yoghurt. De rest moet op de publieke tribune plaats nemen.

Plotseling gaat de deur van de publieke tribune open en de grote groep jonge krakers golft naar binnen.   Shit dus. Ik ook erachteraan. De ouere dame zit later naast me. "Jammer dat we niet de zaal in mochten", zeg ik tegen haar. "Wie bent u? " vraagt ze scherp. "Kees" antwoord ik. "Keesjemaduraatje? Dan wil ik niets met u te maken hebben. Een heleboel mensen vinden het heel erg wat u schrijft"   

Tweet van Dr. D.

Door Keesjemaduraatje
Uit betrouwbare bron gehoord, dat er mensen zijn, in Amsterdam, die maagpijn krijgen van mijn geschrijf. Logisch ook. Want er zijn nog steeds mishandelaars die vrij rondlopen  en niet aangeklaagd. Elke dag dus effen een stukje schrijven. Over tien jaar is het verjaard moet je maar denken.

De Twitter pagina van Dr. D.

Drdtwitter 

Wednesday, October 07, 2009

Kraakverbod

Door Keesjemaduraatje
Nu denken jullie zeker dat ik wel vóór een kraakverbod zal zijn. Op de diverse kraakfora wordt toch al beweert dat ik "een reformistische stuk onderkruipsel" ben en daarom "leuke rechtse nationalistische praatjes " verkoop. Dus dan kan dat er ook nog wel bij. Maar zoals altijd, is mijn mening nog wel een beetje gedifferentieerder.

KraakverbodIn 2006 was ik nog lid van D66 (dat kan je je nu niet meer voorstellen, zo "rechts" als ik geworden ben, maar toch is het zo) en mijn vriendin Fatma Koser Kaya, inderdaad de genocideontkenster die dankzij de Turkse stem in het parlement kwam, die Fatma dus, vroeg mij om een paper te schrijven over het standpunt van D66 ten opzichte van het kraakverbod.   Je moet dus niet raar staan te kijken als straks de D66 een enorm liberaal standpunt gaat staan in te nemen, doordat Keesjemaduraatje ze heeft geadviseerd. Zo raar kan het lopen in dit leven mensen.

Mijn standpunt houdt het volgende in en ik geef toe dat het geheel op de principes van Milton Friedman is gebaseerd. Dus daar lusten de krakershonden zowiezo geen brood van.

-Kraken is een civiel rechtelijke kwestie en niet in eerste instantie een zaak voor strafrecht. Als krakers geweld gebruiken of iets vernielen kan daar nu al tegen opgetreden worden. Het probleem ligt veel meer in de handhaving. Als je zonder huurcontract ergens woont, dan kan de eigenaar een civiele procedure starten.

-Zodra het kraken wordt verboden, met een strafmaat van een jaar, zoals de PVV wil, dan zal onmiddelijk de tijdelijke verhuur en anti-kraak stoppen en komen heel veel sociaal zwakkeren en gescheiden vaders op straat te staan. De eigenaren zijn dan nergens meer bang voor en zullen gebouwen jarenlang leeg laten staan. Zeker in deze crisis.

Tuesday, October 06, 2009

Vrankrijk: De aanklacht tegen Jacob Jonas G.

Door Keesjemaduraatje
Wie is eigenlijk die Jacob Jonas G., die nu al sinds maart dit jaar vastzit op verdenking van poging tot doodslag op kraker Yoghurt?  Een Deense kraker, die gebrekkig Nederlands spreekt. Tijdens de Actiedagen voor Vrijplaatsen in mei 2008, liep hij nog achter een spandoek, zoals te zien op bladzijde 102 van het Witboek Kraken. Een politieke kraker dus. En verder? Veroordeeld wegens inbraak in een bedrijfsruimte. Veroordeeld wegens belediging van een politieagent. Wonende in de Spuistraat te Amsterdam.

Autonomous_spaces3_jakob Jacob is op 11 mei 1984 geboren in Ringsted Denemarken. Al op jonge leeftijd betrokken bij anti-fascistische activiteiten en kraakacties. Lid van de extreem-linkse organisatie TRAB. Hij organiseert de beruchte BZ-zomerkampen, die eigenlijk dienen om op grote schaal te plunderen en te kraken. In 2003 viert Jacob nog met zijn kameraden van de TRAB de 1e mei in Svendborg Denemarken. In 2004 is hij nog betrokken bij een groot en omstreden Deens festival, waarvan de tegenstanders zeggen dat het eigenlijk een kraak-festival is, maar waarvoor Jacob zijn buurman Peter Teil Laustsen toch subsidie krijgt. De Deense pers denkt echter dat Jacob toch nog aan de touwtjes trekt.

Palestijn en ook nog Homo

Door Keesjemaduraatje
Dan ben je ook mooi in de aap gelogeerd. In Israël wonen, Palestijn wezen en dan ook nog homosexueel zijn. Als je dan geen recht op een flink portie medelijden hebt, dan weet ik het ook niet meer. Dat kan zowel mannen als vrouwen overkomen. De Arabische wereld gaat niet bepaald zachtzinnig met de andersgeaarden om.

Op het weblog van de geachte Senator van overzeese Bezette Gebieden en Terreurzaken komen enkele homosexuele Arabieren uit Israël aan het woord en ik moet werkelijk zeggen dat mijn mond opensloeg van verbazing. 

Homopal“Wij bestaan, we zijn actief, we zijn sterk en volwassen, en we hebben de leiders om dit door te zetten. En wij zijn de enigen die weten wat wij nodig hebben. De Arabische wereld moet leren begrijpen dat wij een deel van hen zijn, wij zijn overal. Het kan de leraar zijn die gay is, of je dochter. We gaan ons niet meer verstoppen. En we weigeren weggezet te worden als zielige en machteloze slachtoffers. Zeker, geweld is een deel van ons dagelijks leven, maar ook de onderlinge band, de vrijheid die we voor onszelf scheppen, het plezier. Ik zie mezelf niet als zielig. Ik weet dat ik een aantal privileges mis die anderen wel hebben, en ik weet dat we omringd worden door een wereld die ons onderdrukt. Mensen om ons heen zijn racistisch en gewelddadig. Daar vechten we tegen.”

Nou daar is geen woord Frans bij, denk je dan.  Laten we een comitee oprichten om deze Gay-Palis uit de kast te helpen. Maar gemakkelijk gaat dat niet! Anja Meulenbelt komt roet in het eten gooien! Zij beweert namelijk op haar weblog dat Israël zich alleen maar zo tolerant tegenover homosexuele Arabieren opstelt om de Palestijnen te kunnen bekritiseren. Een vorm van hele nare Repressieve Tolerantie dus!

"(..)hoe Israël goede sier maakt met hoe goed zij zouden zijn voor de homo’s, om daarmee naar de buitenwereld een liberaal, modern gezicht te tonen en zich tegelijk af te zetten tegen de Arabische wereld. Het is echt ongelooflijk dat Israël niets beters heeft om te laten zien hoe democratisch en vrij ze zijn dan de homorechten, want er zijn in Israël helemaal geen homorechten, zegt ze. Jawel, in individuele gevallen is het mogelijk geweest dat een lesbisch stel via de rechtbank het recht kreeg om een kind te adopteren, maar dat betekent nog lang niet dat homo’s in Israel gelijke rechten hebben. Zeker: Tel Aviv heeft een bloeiende subcultuur voor gays, anders dan in Jeruzalem, waar een idioot een deelnemer aan de Gay Pride neerstak. En in Tel Aviv viel onlangs een man in een ontmoetingscentrum binnen waar hij twee bezoekers doodschoot. Israel is nog steeds een land waar de homofobie welig tiert: de helft van de bevolking gelooft nog steeds dat homoseksualiteit een perversie is.

En dus wordt Haneen woedend wanneer Israël prat gaat op hoe homo-vriendelijk ze zijn - en dat als verhaal gebruiken om het vijandbeeld Palestijnen nog eens aan te scherpen."

Dat ze in Jeruzalem met een Joodse vrouw mag trouwen en daarna door de Israelische staat verder niet lastig gevallen wordt, dat vergeet ze er voor het gemak even bij te vertellen. Waar in het gehele Midden-Oosten heeft u dat ooit mogen beleven mevrouw?

Sunday, October 04, 2009

De hersens van Yoghurt

Door Keesjemaduraatje
De rechtspraak is eerst geïnteresseerd in de vraag: "Wie sloeg wie en kan dat bewezen worden?" Over dat bewijs gaat een groot deel van het Vrankrijk-proces dat afgelopen donderdag in Amsterdam is gevoerd. Hoe zagen de hersens van Yoghurt er na de mishandeling en poging tot doodslag uit en kan uit de medische feiten afgeleid worden hoe die letsels zijn ontstaan?

Hersenletsel Dan heeft Yoghurt nog geluk dat we in Nederland zijn en niet in de VS, want de advocaten van Carlo en Jakob doen geen enkele poging om te bewijzen dat de letsels ook wel eens op een geheel ander tijdstip toegevoegd zouden kunnen zijn. Wel brengen ze een dag voor het proces een verklaring van de Amsterdamse cafébaas in, waaruit zou blijken dat Yoghurt en HarmJan ook in een ander café al ruzie hebben gemaakt. Maar die cafébaas heeft daarop niet gereageerd door een steigerpijp te pakken.

Als er een harde klap op het hoofd wordt gegeven, waardoor hersenletsel ontstaat, zijn er later drie gevolgen zichtbaar: Uitwendig letsel, coup en contre-coup. De getuigen en ook dader Jakob hebben bij Yoghurt een bloedende wond op het voorhoofd gezien. Die is ontstaan doordat Jakob door de deuropening, een stoot met een pijp, dan wel tafelpoot, dan wel stoelpoot, dan wel met een ander houten voorwerp gegegeven heeft.

De verdediging van Jeroen Macho

Vrankrijk_sw
Door Keesjemaduraatje
Bij het begin van het proces tegen drie Vrankrijk-krakers, wegens het mishandelen van Yoghurt en Harmjan op 13 september 2008, gebeurt er meteen iets vreemds. Jeroen Macho eist via zijn advocaat, dat zijn zaak apart wordt behandeld bij de politierechter. Hij heeft altijd meegewerkt, zegt hij. Hij heeft slechts mishandeling op zijn naam staan. Hij heeft met de andere verdachten niets te maken. Hij heeft eigenlijk met de gehele strafzaak niet zoveel te maken.

De rechters nemen het verzoek serieus. Ze denken even na en dan gaat het proces toch verder. Uit proces-economische redenen. Omdat ze hier nu toch zitten. Jeroen heeft veel te verliezen. Hij was net bezig zich los te maken van de kraakbeweging. Hij heeft samen met zijn vriendin een huis gekocht. Hij heeft een klusbedrijf. Op de rechtzitting maakt hij een communicatieve en serieuze indruk. Zijn ouders en vriendin zijn samen naar de rechtbank gekomen en ondersteunen hem. Tijdens de pauzes spreekt hij niet met de grote groep punks die ter ondersteuning van de verdachten is aangereisd. Uit alles blijkt dat hij er zo snel mogelijk vanaf wil. 

De neuro-radioloog die de hersenen van Yoghurt na de mishandeling heeft onderzocht, stuurt een dik pak papier, een beschrijving van hersenletsels, dat aan de advocaten wordt overhandigd. De advocaat van Jeroen Macho protesteert hier tegen. Hij heeft niets met dat hersenletsel te maken. Dus wil hij dat pak papier ook niet hebben.

Thursday, October 01, 2009

Vrankrijk mishandeling eis: 6 jaar

Door Keesjemaduraatje
De mishandeling van Yoghurt en HarmJan voor de deur van Vrankrijk, op 13 september vorig jaar, wordt door de officier van justitie als zware vergrijpen beschouwd. Carlo L. en Jakob G. kregen wegens poging tot doodslag 6 jaar tegen zich geeist en Jeroen D. krijgt wegens mishandeling de eis van 80 uur werkstraf te horen.

Vrankrijk_aut_sol Het proces heeft de gehele dag geduurd. De broer en de moeder van Yoghurt hebben het proces bijgewoond. Yoghurt zelf kon vanwege zijn invaliditeit er niet bij zijn. In de zaal zaten verder nog de vader en moeder van Jeroen D. en Koos Boos.

Op volle de publieke tribune zat een hele grote groep afgevaardigden van de hoofdstedelijke kraakbeweging. Mensen van Binnenpret, Oosterparkstrijders, de baby-punkers (uitspraak van Koos Boos), de vriendin van Jeroen D., reaguurder Doctor D.en Vrankrijk bezoekers. Op de tribune werd naast Nederlands ook Engels, Pools en Spaans gesproken.  Hans Krikke kwam even voorbij. Bestuursleden van de respectievelijke stichtingen van Vrankrijk gaven acte de presence. Zo werd het een hele gezellige dag, die begon om 9.00 en duurde tot 20.00 uur.

Itamar Marcus (PMW) bij Christenen voor Israël

Door Keesjemaduraatje
Vandaag hield Itamar Marcus, de directeur van de Palestinian Media Watch, een lezing voor de Christenen voor Israel in Nijkerk.

Itamar_marcus

Vele leden, gasten, journalisten en andere belangstellenden bezochten de lezing. Indrukwekkend waren vooral de vele uit het Arabisch vertaalde kinderprogramma's van de Palestijnse TV, die Itamar liet zien. Zowel Hamas als de PA moedigen kinderen in de kinderprogrammas aan martelaar te worden en met geweld alle Israeli's uit Israel te verdrijven. Het bestaan van de staat Israël worden geheel ontkend en afgewezen.

De aanwezigen stelden enkele vragen aan Itamar Marcus, waaruit bleek dat ze vinden dat Israël meer moet doen om deze feiten onder een groter publiek te verspreiden. Uit de beantwoording van de vragen bleek dat Itamar een positief wereldbeeld heeft en veel heil in opleiding en scholing ziet. Zijn acties voor bekendmaking van de ware ideologie van Hamas en PLO hebben wel degelijk effect.

In Noorwegen worden stemmen om de subsidie aan haatpropaganda te staken steeds luider. Laten we zorgen dat in Nederland ook meer feiten over Hamas en PLO bekend worden. Onder andere door de weblogs.